Factcheck: export blijft vooral in Europa, niet binnen 700 kilometer

Factcheck: export blijft vooral in Europa, niet binnen 700 kilometer

Het grootste deel van de Nederlandse landbouwexport gaat naar landen binnen een regio van 600 tot 700 kilometer, aldus Caroline van der Plas in Nieuws van de Dag. 

Bron: screenshot Nieuws van de Dag

Bewering

‘Het grootste deel van de Nederlandse landbouwexport gaat naar landen binnen een straal van 600 tot 700 kilometer van Nederland.’

Oordeel

Misleidend

Context

In de uitzending van Nieuws van de Dag op 5 februari is Caroline van der Plas te gast, naar aanleiding van de verdeling van de ministerposten in het nieuwe kabinet. Van der Plas uit haar zorgen over de koers die het landbouwbeleid mogelijk zal gaan varen. Presentator Thomas van Groningen stelt daarbij dat D66 zal betogen dat Nederland veel produceert voor de export en dat dit minder zou kunnen. Van der Plas reageert daarop met de claim: ‘Het grootste deel van de Nederlandse voedselexport gaat naar landen binnen een straal van 600 tot 700 kilometer.’

Daarmee benadrukt zij opnieuw haar standpunt over de rol van export in de landbouw. Veel van wat als export wordt aangemerkt, wordt volgens haar in de directe omgeving afgezet, waardoor de term ‘export’ een vertekend beeld kan geven van hoe ver Nederlandse producten daadwerkelijk gaan.

Waar is de claim op gebaseerd?

Volgens een woordvoerder van Van der Plas is de uitspraak gebaseerd op een rapport van Wageningen University & Research (WUR) over de Nederlandse landbouw- en voedselexport, dat volgens de woordvoerder gezaghebbend is.

Uit het rapport blijkt dat in 2025 72,9 procent van de Nederlandse landbouwexport naar landen binnen de Europese Unie ging. Dat beeld komt overeen met cijfers van de Rijksoverheid, die stellen: ‘Ruim twee derde van de export van landbouwgoederen gaat naar landen binnen de Europese Unie.’

Daarnaast laten de cijfers zien dat de tien belangrijkste exportbestemmingen samen goed zijn voor bijna 72 procent van de totale landbouwexport. Tot die top tien behoren ook enkele landen buiten de EU, zoals het Verenigd Koninkrijk en de Verenigde Staten.

Waarom is de claim misleidend?

De cijfers uit het rapport van WUR laten zien dat het grootste deel van de Nederlandse landbouwexport binnen Europa plaatsvindt. Ze maken echter geen koppeling met afstand in kilometers. Export wordt onderscheiden naar landen en naar handelsregio’s, zoals de Europese Unie, maar niet naar hoe ver bestemmingen geografisch van Nederland zijn verwijderd.

Ook andere exportcijfers geven geen uitsluitsel over afstand. Uit gegevens van het Centraal Bureau voor de Statistiek blijkt dat Duitsland, België en Frankrijk tot de belangrijkste bestemmingen voor Nederlandse landbouwproducten behoren. Daarmee bevestigen deze cijfers het beeld dat veel export binnen Europa blijft. Tegelijkertijd zeggen ook deze data niets over de fysieke afstand die producten afleggen.

Landbouweconoom Petra Berkhout van WUR, niet betrokken bij het genoemde rapport, licht dit toe: ‘Handelsstromen worden doorgaans geanalyseerd op basis van regio’s of landen, niet op basis van afstand in kilometers. Een straal van 600 tot 700 kilometer is daarom geen gebruikelijke of logische grens, omdat belangrijke handelspartners daarmee deels buiten beeld kunnen vallen.’

Conclusie

Het klopt dat het grootste deel van de Nederlandse landbouw- en voedselexport binnen Europa plaatsvindt. De claim dat deze export binnen een straal van 600 tot 700 kilometer blijft, wordt echter niet ondersteund door de geraadpleegde rapporten. Die spreken over bestemmingen en handelsregio’s, niet over afstand.

Ook landbouweconoom Petra Berkhout wijst erop dat exportcijfers doorgaans niet worden geanalyseerd op basis van kilometers. De specifieke afstand die Van der Plas noemt, is in de bronnen waarnaar haar woordvoerder verwijst niet terug te vinden. Daardoor worden belangrijke handelspartners als Duitsland in geografisch opzicht slechts deels binnen deze straal meegenomen. De uitspraak is daarom te stellig misleidend.

 

Over de auteur

Marit van Ens

Mijn naam is Marit van Ens (2004) en ik studeer Journalistiek aan de Hogeschool Utrecht. Ik ben nieuwsgierig, sociaal en luister graag naar de verhalen van anderen, vaak met de bedoeling om echt te begrijpen wat erachter zit. Politiek en misdaad fascineren me, omdat ze veel zeggen over hoe onze samenleving werkt. Daar wil ik later ook iets mee in de journalistiek. Verhalen die inzicht geven in wat er speelt, maar ook laten zien wie het raakt. Daarnaast heb ik een brede belangstelling voor maatschappelijke thema’s. Politiek voelt voor veel mensen als iets wat ver van hun dagelijks leven afstaat. Mijn doel is om dat dichterbij te brengen en begrijpelijk te maken. Schrijven is iets wat ik al van jongs af aan doe. Het helpt me om gedachten te ordenen en verhalen vorm te geven die iets losmaken. Ik zou het dan ook mijn sterkste punt noemen. Als junior woordvoerder heb ik geleerd hoe belangrijk het is om zorgvuldig met woorden om te gaan. Iets wat in de journalistiek minstens zo telt.