Cursief schrijven is geen vanzelfsprekendheid meer. Terwijl onderzoek het belang van handschrift voor taalontwikkeling benadrukt, krijgt deze vaardigheid in de praktijk niet altijd structurele aandacht.
Volgens Ben Hamerling, oprichter van de Stichting Schriftontwikkeling, is goed handschriftonderwijs nog steeds geen vanzelfsprekendheid op veel scholen. “Als je aan elkaar schrijft heb je dus een logische verbinding,” legt hij uit. Met cursief (verbonden schrift) leren kinderen patronen herkennen, waardoor letters vanzelf op de juiste plek komen. Bij losse letters moeten kinderen daarentegen zelf nadenken over hoe ver ze uit elkaar komen te staan. “En dan strooien ze de letters over het papier,” zegt Hamerling, wat volgens hem het overzicht en de leesbaarheid belemmert.
Hij merkt dat er scholen zijn die nog wel aandacht besteden aan schrijven, maar dat dit sterk afhankelijk is van de opleiding van de leerkracht. “Hangt van de pabo handschriftontwikkeling,” legt hij uit. Dat betekent dat veel leraren tijdens hun opleiding niet voldoende getraind worden in hoe je handschrift systematisch kunt ontwikkelen. Ook bij deeltijdopleidingen bleek dat uitgebreidere aandacht voor handschriftontwikkeling vaak niet werd uitgevoerd, terwijl dat oorspronkelijk wel de bedoeling was. “We weten dat deeltijden hele dergelijke strekt uitgebreide handschriften ontwikkeling zouden krijgen, maar gebeurde niet,” zegt hij. Volgens Hamerling laat dit zien dat het besef van het belang van handschrift bij schooldirecties soms ontbreekt.
Wetenschappelijk onderzoek bevestigt het belang van handschrift. Den Breejen (2025) laat zien dat kinderen die met de hand leren schrijven betere kennis van letters en woorden ontwikkelen dan kinderen die typen. Motoriek, visuele waarneming en klankverwerking worden tegelijk aangesproken, waardoor het leerproces sterker wordt. Ook Alamargot en Morin (2015) benadrukken dat lettergrootte, beweging en oefening cruciaal zijn voor leesbare letters, en Van Galen (1991) koppelt motorische automatisering aan cognitieve ontwikkeling en schoolprestaties.
Toch benadrukt Hamerling dat handschrift geen makkelijke vaardigheid is. “Het is niet makkelijker,” zegt hij, verwijzend naar het idee dat kinderen vanzelf wel leren schrijven. Voor hem blijft het duidelijk: zonder gerichte instructie en structurele aandacht verliest een belangrijk onderdeel van taal- en leesontwikkeling zijn plek in het onderwijs.
Tweedejaars pabostudent Myrthe Wolfs is in opleiding tot docent en leert daarom ook cursief schrijven. Tjitske Westra, docent Nederlands op de mavo, ziet in de praktijk dat steeds minder studenten nog cursief schrijven. Zelf loopt ze echter ook tegen een ander probleem aan. Benieuwd welk probleem dat is? Bekijk de video.
