Het boek moet steeds harder concurreren om de aandacht van Nederlandse kinderen: uit onderzoek blijkt dat meer dan een derde van de kinderen minder dan één keer per week een boek openslaat. Tegelijkertijd neemt de leesvaardigheid af en concurreren boeken met eindeloze stromen video’s, games en sociale media. Uitgevers reageren daarop met fellere covers, ruimere opmaak en boeken met influencers en YouTubers. Maar hoe ver moet de kinderboekenwereld meegaan om jonge lezers vast te houden?
Als Gen Alpha met een snackje op de bank ploft na school, wordt er al snel een iPad bijgepakt. Waar vroeger de keuze beperkt bleef tot Dik Trom of Pietje Bell, kan een kind nu kiezen tussen miljoenen video’s of een boek uit de kast. Dan is de keuze voor een video al snel gemaakt. “Kinderen krijgen vandaag de dag meer vrijheid,” zegt Bibi Rumping. Als oprichter en uitgever van uitgeverij Billy Bones ziet ze alle veranderingen in kinderboekenland voor haar neus gebeuren.
Manja Heerze, uitgever bij Leopold, ziet dezelfde trend. Zij ziet dat kinderen niet snel voor een boek kiezen, omdat er tegenwoordig veel meer verschillende opties zijn om je vrije tijd in te vullen. “Daarnaast komt dat ook, doordat veel kinderen veel minder goed kunnen lezen. Een andere belangrijke ontwikkeling is dat kinderen minder lang achter elkaar aan iets bezig willen zijn, iets wat moeite kost.” Een zorgelijke ontwikkeling, vindt Heerze. Als kinderen niet meer goed kunnen lezen, vind ik dat erg, omdat lezen je toegang tot een vrije wereld betekent.
Joukje Akveld worden er als reactie op dit probleem andere soorten boeken uitgegeven dan eerst. Akveld is kinderboekenschrijver en schrijft vooral boeken over dieren. Ze heeft een groot succes met haar boek: Een kleine geschiedenis van de mens door dierenogen. “Ik heb de indruk dat er tegenwoordig vooral behoefte is aan eenduidige, niet te ingewikkelde kinderboeken. Ik denk dat dat te maken heeft met het feit dat kinderen steeds slechter kunnen lezen en natuurlijk ook met de enorme concurrentie die boeken ondervinden van schermpjes.”
Sofie van Sande, uitgever bij uitgeverij Lannoo, is bezorgd over het effect dat het leestekort later heeft op kinderen. “Ik vind dat heel erg. Lezen als kind, daar begint het. Je moet goed kunnen lezen om later bijvoorbeeld wetenschappelijke teksten door te kunnen nemen. Maar ik wil niet te negatief denken, want de lezers die er zijn, zijn nog altijd gepassioneerd. Dat is niet veranderd.”
Middle of the road
Alle kinderboeken veranderen, bewust of onbewust, met de tijd mee. Uitgever Heerze ziet dat vooral in de details. “Je ziet in veel moderne kinderboeken bijvoorbeeld wel mobieltjes en dat kan de invloed van een verhaal beïnvloeden. Kijk maar eens in een ouder boek, daar kun je niet denken: dan app je toch even.”
Maar ook in opmaak zijn naar Heerzes mening oude tradities als bijna vanzelfsprekend het raam uitgegooid. “Er zijn nu meer illustraties met maar vier kleuren dan vroeger vooral voor de leeftijd tot 10 jaar.” Schrijfster Joukje Akveld trekt zich het liefst niets aan van die trends. “Ik ervaar frictie tussen wat de auteur wil schrijven en wat de uitgeverij wil uitgeven. Veel uitgeverijen spelen graag op safe. In het verleden behaalde resultaten bieden geen garantie voor de toekomst, maar veel uitgevers denken van wel.”
“Mijn brein werkt anders en loopt daar niet mee in de pas. Dat zorgt soms voor wrijving.” Ook voelt ze druk om zich aan te passen aan de veranderende vraag. “Maar ik ben ongeschikt voor aanpassen. Ik voel steeds meer de neiging om te schrijven zoals ik wil schrijven. De gedachte dat een boek voor iedereen zou moeten zijn vind ik flauwekul. Sterker nog: als iedereen iets mooi vindt, bespeur ik argwaan. Het is dan vaak nogal middle of the road.”
Hamburgers en ansjovissen
Bij uitgeverij Billy Bones staat toegankelijkheid juist hoog in het vaandel. Oprichter Rumping benadrukt: “Toegankelijkheid betekent niet dat een boek slecht is. Zo staan wij als uitgeverij ook bekend, wij zijn zowel toegankelijk, als verhalend sterk.”
Volgens haar moet een kind het boek zélf uit de boekenkast willen pakken. Ze vertelt over meer literaire kinderboeken waar ze zelf niet eens doorheen kwam. “Hoe zou een kind er dan doorheen moeten komen?”
Rumping wil boeken maken die in de breedte toegankelijk zijn voor kinderen. “Wij willen kinderen aan het lezen krijgen en houden. Maar boeken uitgeven is duur en kopen dus ook.
Daarnaast ontwikkelen ze liever boeken die niet te moeilijk zijn en niet te lange zinnen bevatten. “We letten op de lezer die snel afhaakt.” Ze besteden veel aandacht aan de illustraties in kinderboeken. Billy Bones besteedt veel aandacht aan vormgeving en illustraties. De uitgeverij heeft drie eigen vormgevers in dienst en denkt zelfs na over details als de glanslaag van een omslag.
Bij uitgeverij Lannoo staan ze er anders in. “We houden er rekening mee, maar het boek is zoals het is. Je leert je kinderen ook dat er niet alleen maar frietjes en hamburgers zijn, maar ook olijven en ansjovissen. Zo geldt dat ook voor lezen.”
Versimpelde boeken zouden niet volstaan als oplossing, zegt van Sande. “Maar we willen natuurlijk wel rekening houden met iedereen. De boeken reduceren tot maximaal zeven woorden per zin? Dat doen we niet als het zo goed is, dat het verhaal eraan onderuitgaat. Er zijn populaire boeken waarvan ik denk: hier heeft geen enkele redacteur naar gekeken.”
Schrijver Joukje Akveld is het daarmee eens: “De leerling moet stijgen, de leraar moet niet dalen. Als het aan mij ligt sla je kinderen om de oren met hoogstaande, literaire kinderboeken. Boeken met een twist, verhalen die een kinderbrein in beweging brengen. Zo ontwikkel je je als lezer.”
Maar niet alle boeken hoeven literaire hoogstandjes te zijn, als het aan uitgever van Sande ligt. “Hamburgers mag je eten, maar niet elke dag. Strips lezen is natuurlijk ook oké. Zolang je maar leest.”
Influencerboeken
De zoektocht naar nieuwe kinderlezers brengt uitgevers steeds vaker naar de plekken waar kinderen hun tijd vaak doorbrengen: sociale media. YouTubers, influencers en televisiepersoonlijkheden duiken regelmatig op in de boekhandel. Voor liefhebbers van kinderliteratuur is dat een schrikbeeld, maar sommige uitgevers kijken er pragmatischer naar.
Rumping ziet populaire online-figuren vooral als een manier om kinderen überhaupt met boeken in aanraking te brengen. “Wat speelt er nu? Wie zijn er populair? YouTube, speelgoed en boeken over de slimetrend bijvoorbeeld.” Volgens haar moeten uitgevers voortdurend nadenken over wat kinderen op dat moment aanspreekt. Zo werkt Billy Bones sinds kort met een kinderpanel dat nieuwe ideeën beoordeelt. “Laatst hebben we twintig kinderen gevonden om een boek te laten testen. Het kind moet het uiteindelijk zelf willen lezen.”
Volgens haar werkt het bereik van bekende online persoonlijkheden als een succesvolle marketingmachine. “Ze zijn zo groot en bekend, dat het werkt.” Billy Bones raakte de juiste snaar met hun boekenreeks over Paco de hond, van YouTubers Thomas en Rutger. “Ze blijven werken aan hun merk en zijn betrokken bij het schrijfproces, en het werkt.”
Toch zijn niet alle uitgevers overtuigd dat populariteit leidt tot kwaliteit. Van Sande ziet influencerboeken vooral als een middel, niet als een doel. “Kwaliteit moet boven leuke filmpjes komen.” Ze merkt op dat bekende gezichten niet altijd goede schrijvers zijn. “Ik vind YouTuber-boeken minder kwalitatief goed.”
Bij uitgeverij Lannoo zijn de redacteuren niet bewust op zoek naar influencers om mee samen te werken. “Onze kracht ligt ergens anders”, zegt uitgever van Sande. “Maar laten we eerlijk zijn: als een boek gewoon verschijnt, komt het niet van de grond. De omslag zit niet in de oude kanalen, maar sociale media”.
Ook Akveld kijkt kritisch naar de ontwikkeling. Zij vindt dat een goed kinderboek uiteindelijk draait om taal en verbeelding. “Een echt goed kinderboek schrijven is oneindig moeilijk en verdient de hoogste waardering. Dat er in Nederland steeds minder mensen zijn die goed schrijven op waarde weten te schatten, is een verlies.”
Waardering
Als uitgevers kinderen aan het lezen willen krijgen, ligt het voor de hand om hen te vragen wat ze willen lezen. Toch gebeurt dat minder vaak dan je zou verwachten. Uitgevers verzamelen regelmatig reacties tijdens lezingen, fanbrieven van kinderen of simpelweg de verkoopcijfers, maar dat gebeurt pas nadat het boek is uitgegeven. Bij uitgeverij Leopold wordt echter wel getest welke omslagen kinderen aanspreken.
Toch blijft daar een zekere terughoudendheid bij bestaan. Uitgever van Sande begrijpt de waarde van zulke tests, maar ziet ook een risico. “Je krijgt dan misschien een compromis. Soms moet je het gewoon doen, maar dat is natuurlijk wel heel spannend.”
Voor schrijver Joukje Akveld speelt de mening van uitgevers een kleine rol tijdens het schrijfproces. “Ik vermoed alle trends wel, maar trends en ik gaan niet goed samen.” Zij waarschuwt ervoor om boeken te veel aan te passen aan vermeende wensen van jonge lezers. “Dingen simpeler voorstellen is zelden een oplossing voor iets.” Naar haar mening wordt een boek pas echt slecht wanneer het tekortschiet op de essentie. “Een gebrek aan verbeelding en een gebrek aan taal.”
Ook literaire prijzen zeggen niet altijd iets over wat kinderen daadwerkelijk graag lezen. Uitgever Heerze wijst erop dat er een verschil bestaat tussen waardering van vakjury’s en leesplezier onder kinderen. “Bij bekroningen zoals de Griffels is dat verband vaak niet zo groot. Er is een groter verband met de Kinderjury en de Jonge Jury.” Die prijzen worden immers bepaald door jonge lezers zelf.
Maar wat vinden kinderen zelf eigenlijk belangrijk in een boek? Jonge lezers vertellen dat in de bijbehorende podcast:
Broedplaats
Ondanks alle dilemma’s en discussies zijn er ook positieve signalen. Volgens het CBS is inmiddels driekwart van de Nederlandse kinderen lid van de bibliotheek. Bibliotheken blijven daarmee een belangrijke broedplaats voor nieuwe lezers.
Uitgever Heerze zegt dat verkoopcijfers bovendien niet het hele populariteitsbeeld weergeven. “Kinderboeken worden ook veel geleend. Je moet koop- en leencijfers altijd bij elkaar optellen.” Bibliotheken vervullen daarmee een belangrijke rol in het bereikbaar houden van boeken voor kinderen.
Volgens Uitgever van Sande begint leesplezier echter nog eerder, namelijk bij het voorlezen. “Voorlezen is zo belangrijk. Je plant echt een zaadje voor toekomstige lezers.” Daarnaast zegt van Sande dat het kinderen helpt bij het ontwikkelen van hun woordenschat en taalgevoel. Bibliotheken kunnen daarbij ondersteunen, maar de basis ligt thuis. “Binnen het gezin moet de stimulatie komen,” zegt Uitgever Rumping. “Bibliotheken werken natuurlijk, maar het start binnen het gezin.”
Van Sande ziet daarin dezelfde uitdaging als bij het uitgeven van boeken. Kinderen kiezen vaak vanzelf voor makkelijke, kleurrijke titels. Daar is volgens haar niets mis mee, zolang er ook ruimte blijft voor meer uitdagende boeken. “Kinderen mogen fastfood eten, maar gezond voedsel moet er ook zijn.”
Over één ding lijken de kinderboekenfanaten het eens: kinderen aan het lezen krijgen blijft het belangrijkste doel. De discussie zal voorlopig echter niet verdwijnen. Moeten kinderen krijgen wat ze al lekker vinden, of juist gestimuleerd worden om nieuwe smaken te proeven? Tussen hamburgers en ansjovissen zoekt de kinderboekenwereld naar een manier om jonge lezers vast te houden.

Strip door Vika van Lenteren