De vraag ‘Hoe gaat het met je?’ stellen we elkaar bijna dagelijks. Vaak is ‘goed’ het verwachte antwoord. Maar wat gebeurt er als iemand eerlijk zegt dat het helemaal niet goed gaat? Tijdens de Wereld Suïcidepreventie Week staat juist die vraag centraal.
Van 7 tot en met 13 september is het in Nederland de Wereld Suïcidepreventie Week. Meer dan 500 organisaties besteden deze week extra aandacht aan suïcidepreventie en het bespreekbaar maken van zelfdoding. Wereldwijd overlijdt iedere 45 seconden iemand door zelfdoding. In Nederland gaat het om gemiddeld bijna vijf mensen per dag.
In 2025 overleden 1.758 mensen door zelfdoding. Voor jongeren en jongvolwassenen is het onderwerp opvallend dichtbij. Zelfdoding was in 2025 de belangrijkste doodsoorzaak onder mensen tot 30 jaar. Van de tieners die in dat jaar overleden, stierf 22 procent door zelfdoding. Bij twintigers was dat 28 procent. Daarmee was zelfdoding in deze leeftijdsgroep vaker de doodsoorzaak dan bijvoorbeeld een verkeersongeval. Toch blijft praten over zelfdoding voor veel mensen ingewikkeld.
Een gesprek dat vaak niet verder gaat dan ‘goed’
Jitse Goeijers is staflid bij De Waterheuvel, een clubhuis voor mensen met een psychische kwetsbaarheid. Volgens haar merkt ze in het clubhuis dat veel mensen zelf of via hun naasten met het onderwerp te maken hebben. ‘Er heerst naar mijn gevoel nog best wel een beetje zo’n taboe op dit onderwerp’, vertelt Goeijers. ‘Het is niet iets wat je makkelijk aankaart.’ Volgens haar zeggen mensen eerder dat ze somber zijn of niet lekker in hun vel zitten. Soms is er aanleiding om verder te vragen, maar juist die vervolgvraag kan lastig zijn.
De angst voor het antwoord speelt daarbij een rol. Goeijers noemt de vragen die mensen zichzelf kunnen stellen: Kan ik dit wel zeggen? Kan ik dit wel delen? Vinden mensen me niet gek? Is het raar dat ik dit voel? Die schaamte kan ervoor zorgen dat gevoelens worden weggestopt. Daardoor kan iemand zich volgens Goeijers juist nog eenzamer gaan voelen.
Jongeren: hoge cijfers, weinig zichtbaarheid
Dat maakt het bespreekbaar maken van mentale problemen onder jongvolwassenen extra belangrijk. De cijfers laten namelijk niet alleen zien dat zelfdoding onder deze leeftijdsgroep een belangrijk probleem is; ze laten ook zien hoe weinig zichtbaar het soms kan zijn.
Iemand kan naar college gaan, met vrienden afspreken, werken en ondertussen worstelen met gedachten waar niemand vanaf weet. Juist daarom ligt de nadruk tijdens deze preventieweek niet alleen op hulpverlening, maar ook op de rol van mensen om iemand heen. 113 Zelfmoordpreventie voert deze week de campagne ‘De vraag stellen kan een leven redden’. De organisatie moedigt mensen aan om niet weg te kijken wanneer ze zich zorgen maken om iemand, maar het gesprek aan te gaan. Dat hoeft volgens de boodschap van de campagne geen perfect gesprek te zijn. Het belangrijkste is dat iemand merkt dat er naar hem of haar wordt geluisterd.
Misschien begint het met doorvragen
Suicidepreventie gaat daarmee niet alleen over cijfers, campagnes of georganiseerde evenementen. Het gaat ook over de alledaagse momenten. Over die vriend die stiller is dan normaal. De studiegenoot die zich steeds meer terugtrekt, of over een van je vrienden die altijd het gezelligste is tijdens de lunch. De vraag ‘Hoe gaat het echt met je?’ is dan misschien niet het eindpunt van een gesprek, maar juist het begin. En soms betekent echt vragen hoe het met iemand gaat dat je niet genoegen neemt met een simpele ‘goed’.
‘Je moet soms gewoon even doorvragen’, zegt Goeijers.
Want juist die tweede vraag kan ruimte geven aan een antwoord dat anders misschien nooit was gekomen.
