Factcheck: Meer vezels eten verlaagt het risico op hart- en vaatziekten

Factcheck: Meer vezels eten verlaagt het risico op hart- en vaatziekten

In groente en fruit zitten veel belangrijke vezels

Meer vezels eten verlaagt het risico op hart- en vaatziekten, zei Maartje Boot van het Voedingscentrum op 2 maart 2026 in het NOS Achtuurjournaal. Onderzoek ondersteunt deze bewering: grote internationale studies en Nederlandse adviesrapporten laten zien dat een hogere vezelinname samenhangt met een lager risico op onder meer coronaire hartziekten en beroerte.

Let op: Deze factcheck is uitgevoerd op basis van de beschikbare informatie op de datum van publicatie.

Bewering

Door meer vezels te eten verlaag je het risico op hart- en vaatziekten.

Oordeel

Waar

Bron van de bewering

In het NOS Achtuurjournaal zei Boot: ‘Deze nieuwe trend fibermaxxing, waarbij je eerder vezels eet in plaats van eiwitten kunnen we alleen maar aanmoedigen, want vezels zijn goed voor je. Je verlaagt het risico op hart- en vaatziekten.’ In de uitzending werden geen concrete cijfers of onderzoeken genoemd om dit te onderbouwen. Het Voedingscentrum baseert zijn adviezen op de op de Richtlijnen Goede Voeding van de Gezondheidsraad.

Wat zegt het onderzoek?

Volgens prof. dr. Ingeborg Brouwer, hoogleraar Nutrition for Healthy Living aan de Vrije Universiteit Amsterdam, klopt de kern van deze bewering. Brouwer zegt: ‘Als je alle onderzoeken op een rijtje zet, dan blijkt dat met iets van zeven gram meer, je tien procent lager risico op coronaire hartziekte hebt.’

Grote meta-analyses en overzichtsstudies, zoals gepubliceerd in The BMJ, een internationaal medisch tijdschrift dat bekend staat om peer-reviewed onderzoek en onafhankelijk medisch nieuws en The Lancet, dat in opdracht van de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) onderzoek deed naar voedingsvezels, tonen aan dat mensen met een hogere vezelinname duidelijk minder kans hebben op hart- en vaatziekten en sterfte daaraan. Er is sprake van een dosis-responsrelatie: tot ongeveer 25–30 gram per dag geldt dat hoe meer vezels iemand eet, hoe lager het risico.

Het NutriNet-Santé cohortonderzoek  met ruim 107.000 deelnemers laat zien dat vooral oplosbare vezels beschermen tegen coronaire hartziekten. Fruitvezels hangen samen met een lager risico op beroerte.

Ook het achtergronddocument Voedingsvezel van de Gezondheidsraad  concludeert dat elke extra 7 gram vezel per dag samenhangt met ongeveer 9 tot 10 procent minder risico op coronaire hartziekten. Voor beroerte wordt ook een lager risico gevonden bij hogere vezelinname. De bewijskracht wordt als groot beoordeeld omdat de resultaten consistent zijn over verschillende landen en populaties.

Daarnaast toont een ander NutriNet-Santé onderzoek dat extra vezels het LDL-cholesterol (slechte cholesterol) en de bloeddruk verlagen. Brouwer benadrukt: ‘Er zijn meta-analyses van meerdere studies die laten zien dat het een effect heeft op de bloeddruk en op het LDL-cholesterolgehalte,’ waardoor aannemelijk wordt dat vezels daadwerkelijk bijdragen aan een lager risico op hart- en vaatziekten.

De stand van de wetenschap over vezels en hart- en vaatziekten

Voedingsvezels zijn koolhydraten uit plantaardige voeding die niet volledig worden verteerd. Ze zitten in groenten, fruit, noten, peulvruchten en volkoren granen. In de dikke darm worden sommige vezels afgebroken tot stoffen zoals butyraat (helpt je darm gezond te houden) en propionaat (helpt bij het regelen van je bloedsuiker en cholesterol). Deze stoffen hebben een positief effect op cholesterol, bloedsuiker en ontstekingen, blijkt uit onderzoek van de University of Minnesota.

Oplosbare vezels, bijvoorbeeld uit havermout, bonen, fruit en psyllium (vezels uit de zaden van de vlozaadplant, vaak gebruikt als natuurlijk middel voor de stoelgang) blijken het sterkst het risico op hart- en vaatziekten te verlagen, vooral door het LDL-cholesterol te verlagen. Onoplosbare vezels uit granen en groenten zijn ook gunstig, maar hun effect is iets minder sterk. Volgens Brouwer is het bewijs het sterkst voor de totale vezelinname, maar specifieke vezels zoals beta-glucanen (een soort vezel uit haver die helpt cholesterol te verlagen) en pectines (vezels uit fruit die in de darm een soort gel vormen) hebben een extra cholesterolverlagend effect. Variatie in vezelbronnen vergroot het gezondheidsvoordeel.

Conclusie

Hoewel tijdens het NOS Achtuurjournaal geen specifieke onderzoeken werden genoemd, klopt het dat vezels eten het risico op hart- en vaatziekten verlaagt. Grote meta-analyses en cohortonderzoeken tonen consistent aan dat een hogere vezelinname beschermt tegen coronaire hartziekten, beroerte en sterfte door hart- en vaatziekten. Zowel oplosbare als onoplosbare vezels dragen bij aan dit effect, en variatie in de bron van vezels maximaliseert het gezondheidsvoordeel.

Over de auteur

Amber van Es

Amber van Es (19) is student journalistiek aan de Hogeschool in Utrecht. Ze is aan deze opleiding begonnen, omdat ze het leuk vindt om nieuwe onderwerpen uit te pluizen en er alles over te weten te komen. Naast het feit dat ze schrijven en spreken erg leuk vindt, besteedt ze ook veel tijd aan fotografie. Ze is met veel andere fotografen mee geweest en heeft daar veel ervaring opgedaan. Haar foto’s zijn al meerdere keren in de lokale kranten van de Ronde Venen geplaatst en ook een keer in het AD. Haar passie voor fotografie en journalistiek wil ze gaan combineren en nog heel veel verhalen maken om anderen te laten zien wat er om hen heen gebeurt. Heeft u nog een leuk nieuwtje? Mail dan naar: amber.vanes@student.hu.nl