Herdenking op de Dam vraagt aandacht voor situatie in Tibet

Herdenking op de Dam vraagt aandacht voor situatie in Tibet

Op 10 maart verzamelden op de Dam in Amsterdam Tibetaanse demonstranten met vlaggen en spandoeken om de Tibetaanse Opstand van 1959 te herdenken. Meer dan zestig jaar na de opstand vragen zij opnieuw aandacht voor de situatie in Tibet en de positie van Tibetanen wereldwijd.

De herdenking verwijst naar de 1959 Tibetaanse Opstand. Op 10 maart 1959 kwamen duizenden Tibetanen in opstand tegen het Chinese bestuur in de hoofdstad Lhasa. In de jaren daarvoor kwam het gebied onder controle van de Volksrepubliek China, wat leidde tot spanningen tussen de Tibetaanse bevolking en de Chinese autoriteiten. De protesten werden uiteindelijk door het Chinese leger neergeslagen. Kort daarna vluchtte de spirituele leider van Tibet, Tenzin Gyatso – de veertiende Dalai Lama, naar India. Tienduizenden Tibetanen volgden hem en verlieten hun land. De meesten zijn naar de buurlanden gevlucht, maar velen zijn door de hele wereld verspreid. Sindsdien werkt de regering van Tibet in ballingschap.

Ook in Nederland woont een kleine Tibetaanse gemeenschap. Uit cijfers van het CBS zijn er per 1 januari 2024, 74 mensen met een herkomstregio van Tibet naar Nederland geïmmigreerd. Er zijn meer dan 80.000 Chinezen naar Nederland gekomen, maar bij een kwart van de geregistreerden is het niet bekend uit welk herkomstregio ze komen. De exacte cijfers over het totale aantal Tibetanen in Nederland zijn moeilijk vast te stellen, omdat bij een groot deel van de geregistreerde Chinezen niet bekend is uit welk regio ze komen. Volgens de Tibetaanse gemeenschap zijn er ongeveer duizend mensen die verspreid over het land wonen.

Voor veel Tibetanen in diaspora blijft 10 maart een belangrijke dag. De herdenking is niet alleen bedoeld om stil te staan bij de gebeurtenissen van 1959, maar ook om aandacht te vragen voor de situatie in Tibet vandaag en het gebrek aan mensenrechten die de Tibetanen hebben. Volgens activisten kunnen Tibetanen daar hun religie, taal en cultuur niet vrij uiten en staan religieuze instellingen en culturele uitingen onder toezicht van de Chinese overheid

‘Deze dag is elk jaar heel belangrijk voor ons. We willen niet dat wat er in 1959 is gebeurd wordt vergeten’, zegt Laila Tara, campagne- en communicatiemedewerker van de internationale campagne van Tibet. Wat deze herdenking dit jaar bijzonder maakt, is dat er een kaart is gevonden waarop Tibet duidelijk als een onafhankelijk land staat. Deze kaart hebben mensen van de gemeenschap in Nederland gevonden. ‘China beweert dat Tibet nooit een autonoom land was, terwijl er hier in Nederland een kaart uit 1665 bestaat die Tibet duidelijk als afzonderlijk gebied laat zien’, legt Tara uit.

Volgens haar is de herdenking ook een manier om solidariteit te tonen met Tibetanen die nog in Tibet wonen. “Ook al is het meer dan zestig jaar geleden, blijven we ons inzetten voor de vrijheid van Tibet en we proberen de aandacht naar ons wereldwijd te trekken.”

Hieronder staat de reportage van de demonstratie.

Over de auteur