Scheepswrak ontdekt: Noordoostpolder blijft een hotspot voor maritieme archeologie

Scheepswrak ontdekt: Noordoostpolder blijft een hotspot voor maritieme archeologie

Het opgedoken schip in de Oostpolder

In de Noordoostpolder werd op 9 april een verloren scheepswrak ontdekt. Op ongeveer een meter onder de grond stuitte een energiebedrijf op houten resten van een schip, op een plek waar vroeger een vaarroute lag. Volgens maritiem archeoloog Yftinus van Popta, die nu onderzoek doet bij deze opgraving, kunnen we door een inklinkende bodem vaker dit soort vondsten verwachten in de toekomst.

Bij het graven van een sleuf voor een nieuwe elektriciteitskabel dichtbij Kuinre stuitte een graafmachinist vorige week op houten balken. Eerst werd gedacht dat het om beschoeiing ging, maar al snel bleek dat het om een scheepswrak ging. Van Popta werd erbij gehaald om een onderzoek te leiden. In oude archieven vond hij een melding uit de jaren veertig van een wrak in de buurt, maar de exacte locatie bleef jarenlang onbekend.

Nu is het schip herontdekt en lijkt het te gaan om een klein vaartuig van ongeveer vijftien meter lang. In het wrak zijn resten van turf en dierlijke botten gevonden, wat erop wijst dat het mogelijk goederen via de rivier de Linde vervoerde van en naar Drenthe. Op basis van aardewerkfragmenten vermoedt Van Popta dat het schip uit de zestiende of zeventiende eeuw dateert. ‘Dat zou betekenen dat we hier te maken hebben met een schip van ongeveer vier- tot vijfhonderd jaar oud.’

Volgens Van Popta is het geen toeval dat juist hier weer een schip wordt gevonden. De Noordoostpolder geldt als een van de belangrijkste gebieden voor maritieme archeologie in Nederland. ‘In heel Flevoland zijn ongeveer driehonderd wrakken bekend,’ legt hij uit. ‘Ik schat dat er alleen al in de Noordoostpolder zo’n tweehonderd liggen. Het grootste deel van de wrakken uit Flevoland komt dus uit deze polder.’

‘Flevoland wordt ook wel het grootste scheepskerkhof op land ter wereld genoemd,’ zegt Van Popta. ‘Nergens op land vind je zoveel wrakken bij elkaar.’ Dat heeft naast het verleden van de Zuiderzee ook te maken met de veranderende ondergrond. De lagen waarin de schepen liggen drogen steeds verder in, nu er al decennia geen zee meer op ligt. ‘Door het inklinken van de bodem komen wrakken steeds dichter onder het maaiveld te liggen,’ zegt hij. ‘Dat kan betekenen dat er de komende jaren weer nieuwe wrakken worden gevonden.’

Veel van dit soort vondsten liggen in het depot van Museum Batavialand, waar ze worden geconserveerd en bewaard voor toekomstig onderzoek.

Over de auteur

Auke Jantzen

Auke Jantzen (2002) studeert sinds 2024 aan de Hogeschool van Utrecht. Na zijn boekhoudkundige vooropleiding is hij in Utrecht gebleven om journalistiek te studeren. Met zijn grote interesse in onderzoeksjournalistiek wil hij maatschappelijk iets teweegbrengen. Zijn het niet kranten dan slaat Auke wel historische boeken open. ‘Ik wil graag het ongehoorde verhaal ook eens vertellen.’