WOERDEN – Geurt Roffel is predikant in de Ontmoetingskerk van Kamerik en samen met nog drie andere kerken wordt deze donderdag het jaarlijkse kerstsamenzang gehouden. Ondanks deze succesvolle manier om samen kerst te vieren, merkt Geurt wel dat de opkomst in zijn kerk langzaam lager wordt.
‘Wij hebben rond de 300 leden, dat blijft ook nog wel redelijk gelijk, maar je ziet gewoon langzaam een dalende lijn. Toen ik jong was, was ik al een van de weinige kinderen in de kerk waar ik zat en dat werden er ook steeds minder. Uiteindelijk was ik de enige nog die belijdenis deed van die groep en dus Ik heb eigenlijk altijd gezeten in kerken die kleiner werden.’
‘Ik vind dat wel jammer, want je kunt daardoor minder dingen doen. Vroeger gingen mensen nog op kamp met de kerk en dat soort dingen, maar daar hebben we nu niet genoeg mensen meer voor. Vorig jaar hebben we wel nog een musical gedaan met de kerk en je hebt nu dus het Kerstsamenzang.’
‘Dat is eigenlijk ontstaan doordat mensen zeiden dat ze het mooi zouden vinden om samen kerst te vieren. Dat was natuurlijk best lastig, omdat de kerken allemaal op een verschillende manier het Christelijk geloof beleven. Toen is het idee van een Kerstsamenzang ontstaan. We vieren dan samen kerst met allemaal liederen. Er zijn verschillende koren, zelfs een kinderkoor.’
‘Het is een heel warm gebeuren in een donkere wintertijd. Ik vind het belangrijk om zoiets te doen met alle oorlog die er is en de verdeeldheid. Zo geef je toch een signaal van verbinding, verbondenheid en licht deelt met elkaar. Er komen niet veel mensen van buitenaf naar het Kerstgezang toe. Misschien omdat het spannend kan zijn voor iemand die niet gewend is naar de kerk te gaan. Ik merk die angst zelf ook als ik op vakantie naar een vreemde kerk ga. Je merkt het ook op andere gebieden. Toen ik nog lesgaf op scholen als dominee en daar over God lesgaf, voelde ik ook wat afstand bij sommige leraren, ouders en kinderen. Sommige ouders keken dan op alsof ze dachten: ‘komt die man ons nou bekeren ofzo?’’
‘Tegenwoordig zijn die gedachten wel anders. Nu merk je dat mensen meer geïnteresseerd zijn in de kerk, het geloof en zich van alles afvragen. Er is dus wel meer openheid over en ik denk dat dat kom doordat veel mensen bezig zijn met zingeving tegenwoordig. Ze hebben misschien vragen die eigenlijk te groot zijn voor het leven of ze hebben veel tegenslag, bijvoorbeeld als hun ouders iets overkomt of hun vrienden. Dan gaan ze nadenken over: ‘waar gaat het eigenlijk om in het leven? Gaat het nou om geld verdienen en om succes? Of zijn er ook diepere vragen?’ En dan worden ze nieuwsgierig naar het geloof en de kerk.’
‘Toch is de kerk wel kleiner geworden, dat merk ik wel. Soms heb je een keer 1 hele volle dienst met bijvoorbeeld kerst en de volgende keer zijn er veel minder mensen en dat vind ik wel heel jammer. De mensen die komen maken wel een bewuste keuze om te komen, dus daar heb je ook wel weer leuke gesprekken mee. Dan zie je ook wel dat zo’n kerkdienst echt wat met ze doet en daar doe je het voor.’
‘Ik denk niet dat die lagere opkomst door de afleiding van nieuwe technologie komt, want dat kan juist bijdragen aan het geloof. Je kunt afbeeldingen maken die in kerkdiensten gebruikt kunnen worden. We hebben in de kerk een beamer, dus met die plaatjes wordt het aansprekender. Je kunt ook veel gemakkelijker dingen opzoeken, waardoor je kunt zeggen hoe dingen zitten en hoe dingen niet zitten. We hebben nu zelfs een kerk app. Daar kondigen we belangrijke dingen op aan.’
‘We willen wel mensen trekken naar de kerk, maar ik geloof niet dat dat met nieuwe, hippe activiteiten moet. Het is beter om er gewoon te zijn. Toen ik net 5 of 10 jaar predikant was, hadden we disco diensten met grote schermen. Dan konden jongeren appen tijdens de dienst en werden er videoclips gedraaid. Toen dacht ik echt dat we dat moesten doen, want dan trokken we meer mensen en gingen we mee met de tijd. Nu denk ik dat je er gewoon op het goede moment moet zijn voor de mensen die je zoeken. Daar moet je eigenlijk je best voor doen en dat mensen je dan weten te vinden en de drempel over durven te stappen.’
‘Voor mensen die het geloof maar spannend vinden: weet dat iedere gelovige ook maar een mens is en het ook maar probeert. Daarmee bedoel ik dat je heel makkelijk kan denken: ‘Dat zijn die mensen en die denken dat en die denken zo’, maar in feite is iedere gelovige ook maar gewoon een mens die het ook niet allemaal zeker weet. Ik hoop dat die drempel lager kan worden en mensen ook gewoon is de kerk binnen durven te stappen.’
‘Ik hoop dat mensen na het Kerstsamenzang even hun hart hebben kunnen verwarmen. Wie ze ook zijn, of ze nou helemaal alleen zijn gekomen of juist met een gezin er zijn geweest om het samenzijn te vieren, ik hoop dat ze naar huis gaan en dat ze denken van: ‘hé, dit was hartverwarmend en dit heeft mij een lichtje gegeven dat sterker is dan die grijze, koude, donkere dagen van nu’. Dat hoop ik.’