Voor Hendrik speelt muziek al vrijwel zijn hele leven een belangrijke rol. Wat begon als straatmuzikant met zijn neef groeide uit tot een professionele carrière die hem van Nederlandse optredens naar Colombiaanse podia bracht. Tegenwoordig treedt hij vooral op met tijdloze popmuziek en herkenbare classics. Daarbij draait het voor hem niet om grote stadions of beroemdheid, maar om het contact met zijn publiek.
Hoe bent u muzikant geworden?
‘Dat begon eigenlijk al toen ik jong was. Mijn vader kocht een gitaar en toen ik hem hoorde spelen, was ik meteen verkocht. Samen met mijn neef ging ik oefenen en uiteindelijk speelden we op straat. Ik was ontzettend nerveus, maar toen er geld in de hoed kwam, vonden we dat natuurlijk prachtig. Later gingen we in cafés en restaurants spelen en kregen we steeds meer optredens.’
Wanneer wist u dat muziek meer zou worden dan een hobby?
‘Mijn neef en ik begonnen muziek te maken op straat toen ik 13 jaar oud was. Dit deden we een aantal jaar, vooral tijdens de zomervakanties. Eenmaal toen ik rond de 16 of 17 jaar oud was, begonnen de optredens steeds serieuzere vormen aan te nemen. We hadden veel succes en verdienden er goed mee. In die tijd, midden in de jaren 70, kregen we voor een optreden 150 gulden. Dat was voor jonge jongens behoorlijk veel geld. Toen dachten we allebei: dit willen we blijven doen.’
U speelt vooral tijdloze pop en herkenbare classics. Waarom kiest u juist voor die muziek?
‘Omdat ik mensen wil raken. Ik zie mezelf als entertainer. Ik houd ervan om mensen blij te maken met muziek. Als je liedjes speelt die mensen herkennen, ontstaat er direct een band. Mensen gaan meezingen, herinneringen komen boven en er ontstaat een bijzondere sfeer. Dat vind ik het mooiste wat er is.’
Wat maakt optreden voor publiek zo bijzonder?
‘Die wisselwerking. Het is in het gezicht te lezen wat muziek eigenlijk doet met de mens. Vooral bij kleinere optredens voel je dat heel sterk. Ik speel graag in huiskamers, op verjaardagen of in verzorgingshuizen. Vooral in verzorgingshuizen zie je dat sterk terug. Als je daar voor groepen van twintig tot zeventig mensen nummers uit hun jeugd speelt, zie je direct hoe muziek herinneringen naar boven haalt. Als ik zo’n optreden heb gedaan, ga ik zelf vaak vol energie en zingend naar huis.’
U heeft jarenlang in Colombia gewoond voor ontwikkelingswerk. Welke invloed heeft die periode gehad op uw muziek?
‘Ik heb daar 36 jaar gewoond en maakte ook mijn eigen muziek. Muzikaal werd ik beïnvloed door Latijns-Amerikaanse stijlen, gecombineerd met de pop- en rockmuziek die ik vanuit Europa kende. Door lokale muzikanten kwamen conga’s en percussie terug in mijn nummers, terwijl ik zelf vaak elektrische gitaren toevoegde. Wij noemden dat rock en Español: rock en pop in Spaans.
Het muziek maken begon daar als iets kleins, maar groeide in de loop der jaren uit tot een vrij professionele studio. Een deel van mijn ontwikkelingswerk was het ondersteunen van lokale bands. We namen muziek op en probeerden die bands op de radio te krijgen en hun nummers te publiceren. Via sponsoring probeerde ik dat mogelijk te maken.’
Is er een optreden dat u is bijgebleven?
‘Ja, een optreden in Utrecht van kortgeleden. Het was een kleine bijeenkomst in een huiskamer. Normaal gesproken ben je vaak muzikale omlijsting van een feest, maar hier zaten mensen echt een uur lang aandachtig te luisteren. Ze zongen mee en leefden helemaal mee met de muziek. Dat voelde heel bijzonder. Je merkt dan dat er iets ontstaat tussen jou en het publiek.’
U heeft ook voor enorme menigten gespeeld. Hoe vergelijkt dat met een klein optreden?
‘Ik heb in Zuid-Amerika wel eens op een podium gestaan voor zo’n 50.000 mensen. Natuurlijk maakt dat indruk. Het gejuich van zo’n grote massa is enorm. Maar toch geef ik de voorkeur aan kleine optredens. In een huiskamer voel ik veel meer contact met de mensen. Dat persoonlijke contact betekent uiteindelijk meer voor mij.’
Wat zijn de grootste uitdagingen van het leven als zelfstandig muzikant?
‘Veel mensen zien alleen het optreden zelf, maar daar komt veel meer bij kijken. Ik ben dagelijks bezig met netwerken, administratie en vooral veel studeren. Er is zoveel muziek dat je jezelf moet blijven ontwikkelen. Daarnaast wil ik altijd goed voorbereid zijn. Als iemand mij vraagt om op een belangrijke verjaardag te spelen, voel ik daar echt verantwoordelijkheid voor.’
Wat hoopt u dat mensen meenemen na een optreden?
‘Dat ze met een goed gevoel naar huis gaan. Muziek kan veel losmaken en herinneringen oproepen. Ik probeer niet per se een boodschap of een politiek standpunt over te brengen. Ik wil vooral dat er een positieve uitwisseling van energie plaatsvindt. Als mensen genoten hebben en met een glimlach vertrekken, dan is mijn doel bereikt.’
Welke dromen heeft u nog voor de toekomst?
‘Er is altijd nog wel één droom die ik heb en dat is het ontmoeten van een groep muzikanten waarmee ik samen kan spelen. Dat ik geen gebruik hoef te maken van backingtracks. Dat zou dan vooral een project voor het plezier zijn. Maar uiteindelijk blijf ik gewoon doen wat ik het liefste doe: muziek maken en mensen verbinden.’
Voor Hendrik draait muziek niet om grote podia of bekendheid. Zijn grootste beloning zit in de glimlach van het publiek, een gedeeld liedje en het gevoel dat muziek mensen even dichter bij elkaar brengt.
