Houten

Selecteer Pagina

Initiatief voor thuiszittende jongeren in Houten: ‘Hier hoeft niemand iets uit te leggen’

Initiatief voor thuiszittende jongeren in Houten: ‘Hier hoeft niemand iets uit te leggen’

HOUTEN – “Mijn dochter is veertien en zit nu ongeveer drie jaar thuis.” Aan het woord is Sanne Gratama van Andel, moeder van een thuiszittende tiener en initiatiefnemer van Club Buitengewoon. Met het einde van het jaar in zicht blikt ze terug op deze ontmoetingsplek voor jongeren die, net als haar dochter, vastliepen in het onderwijs. Steeds meer jongeren zitten langdurig thuis omdat school geen passende plek meer voor hen is.

“Dat ging niet in één keer. Eerst ging ze steeds minder naar school, en zijn we met de leerkracht gaan kijken hoe we de lessen konden aanpassen, omdat ze heel weinig energie had. We begonnen met halve dagen, toen nog maar twee uur per dag, waarna ze uiteindelijk helemaal uitviel. Ze heeft ook speciaal onderwijs geprobeerd, maar ook dat lukte niet. Nu zit ze drie halve dagen per week in een dagbesteding.

Wat ik daar lastig aan vind, is de eenzaamheid. Haar wereld is zo klein geworden. Ze heeft nauwelijks sociale contacten. Geen schoolplein, geen tussenuren, geen vanzelfsprekende ontmoetingen. Dat is al jaren zo. Haar vriendinnen van de basisschool zijn allemaal naar de middelbare gegaan en hebben het druk met school en toetsen. Daardoor is het contact steeds minder geworden. Soms zeggen ze: ‘Ik vind school ook wel eens niet leuk.’ Maar dat is niet te vergelijken met ziek worden van school. Dat begrijpen ze niet.

Ik kon dit niet meer aanzien. Dus ben ik zelf gaan nadenken: wat is er eigenlijk voor jongeren zoals zij? Ik wist dat er in Houten veel thuiszitters zijn. De gemeente wil daar ook iets voor betekenen. Ze hadden eerder al eens een initiatief geprobeerd, maar dat liep toen niet.
Op de website van Houten & Co stond dat je met een idee of inwonersinitiatief contact kon opnemen. Zo ben ik in gesprek gekomen met een opbouwwerker en uiteindelijk met het jongerenwerk.

Nu doen we het samen opnieuw. Ik werk samen met Daphne, een jongerenwerker. Zij kan haar uren schrijven, ik doe dit als vrijwilliger. Samen begeleiden we de groep in Enter, een jongerensociëteit hier. Dat is een fijne, veilige plek.
De drempel is hoog, de doelgroep is heel kwetsbaar. Deze jongeren zijn volledig vastgelopen en vaak angstig. Ze denken al snel: ‘Is dit niet weer iets als school?’ Veel van hen zijn volledig uitgeput geraakt. Het lijkt op een burn-out bij volwassenen: eerst moet je herstellen voordat je weer iets kunt opbouwen. Dat geldt hier ook.

Daarom zie je dat jongeren vaak met hun ouders komen. Het is een klein groepje en soms lukt het op het laatste moment toch niet. Dan zeggen ouders: ‘We waren echt van plan te komen, maar het was echt te veel vandaag.’ Dat hoort erbij. De eerste keer kwam er bijvoorbeeld een jongen met zijn moeder. Hij durfde niet te praten. Tijdens een kennismakingsspel gaf zijn moeder de antwoorden. Daarna was het genoeg en gingen ze weer naar huis.

Op de ouderavonden die ik organiseer, merk je pas echt hoe diep het zit. Daar komen veel verhalen los. Zo vertelde een vader dat zijn zoon de hele dag op zijn kamer zit en niet meer naar buiten durft. En je voelt het schuldgevoel, bij iedereen. Ik heb mezelf ook een slechte ouder gevoeld, omdat ik mijn dochter te lang naar school heb gestuurd terwijl ze er ziek van werd. Toch krijg je vragen als: ‘Houd je haar niet te makkelijk thuis?’ Alsof je hier licht over denkt.

Sommige ouders blijven vechten voor een diploma. Wij hebben dat losgelaten. Misschien haalt ze nooit een diploma. Dat is jammer, maar haar welzijn is belangrijker. Een ziek en ongelukkig kind maakt je als ouder ook ongelukkig.

Sommige jongeren hebben, net als mijn dochter, wel behoefte aan contact, maar heel weinig energie. Mijn dochter is tot nu toe elke keer mee geweest, maar soms kost het haar eigenlijk te veel. Toch is er iets moois ontstaan. Ze heeft via de club een meisje ontmoet met wie ze inmiddels ook buiten de club heeft afgesproken. Ze zijn samen naar de film geweest en bij elkaar thuis. Dat was precies mijn doel.

Dat is het grote verschil: hier hoeft niemand iets uit te leggen. Iedereen begrijpt elkaar. Ze weten hoeveel moeite ze hebben gedaan om het vol te houden, tot het echt niet meer ging. Ze weten hoe het is om uitgeput te raken. Iedereen mag hier zichzelf zijn en kiezen of ze aan een activiteit mee willen doen. Gewoon zitten en kijken mag ook. Meestal doen we een spelletje of iets creatiefs. Voor de jongeren die komen, maakt dit echt verschil. En dat maakt het de moeite waard.”

Over de auteur