Houten

Selecteer Pagina

Van 4,1% naar 1,3%: Vergeleken met 2018 is kinderarmoede in Houten met 2,8% gedaald

Van 4,1% naar 1,3%: Vergeleken met 2018 is kinderarmoede in Houten met 2,8% gedaald

 

Sinds 2018 daalt het relatieve aantal kinderen dat in armoede in Houten leeft jaarlijks, zo is het van 4,1% naar 1,3% gedaald. Echter ligt het landelijke gemiddelde nog wat hoger, uit de meest recente meting bleek dat het landelijke gemiddelde relatieve aantal kinderen dat in armoede leeft 2,8% is. Volgens meneer Bemmel, coördinator van Stichting Leergeld Houten zou hun programma een grote rol in deze daling gehad kunnen hebben. ‘Ik denk niet dat wij alle armoede oplossen, maar wij helpen zeker mee’, aldus meneer Bemmel.

 

‘Het CBS tovert ook nog wel eens met cijfers.’ Meneer Bemmel wordt verrast door deze cijfers, er komen volgens hem bij Stichting Leergeld veel verschillende cijfers binnen. Meneer Bemmel geeft aan dat de stichting er inmiddels 10 jaar op heeft zitten en hij is blij dat het een positief effect heeft. Bij Stichting Leergeld helpen ze niet alleen de kinderen, maar ook de ouders met als uitgangspunt de kinderen. Stichting Leergeld vindt dat elk kind dezelfde mogelijkheden moet hebben als kinderen die opgroeien waar geen armoede is. Ze zorgen er bijvoorbeeld voor dat kinderen die uit een gezin komen waar sprake is van armoede alsnog aan een sportclub kunnen deelnemen of muzieklessen krijgen enzovoort, omdat dat volgens hen de dingen zijn waar als eerste wordt gesneden zodra er sprake is van geldproblemen.

Echter ligt het landelijke gemiddelde van het relatieve aantal kinderen dat in armoede leeft, dus hoger dan dat van Houten. Het landelijke gemiddelde was in 2018 8,7%, in de meest recente meting was dat gedaald naar 2,8%. Volgens meneer Bemmel heeft het lagere relatieve aantal kinderen dat in Houten in armoede leeft, vergeleken met de rest van Nederland, verschillende oorzaken.

Meneer Bemmel geeft aan dat Houten deze afgelopen jaren in een nieuwbouwfase zit waarin er heel veel nieuwe (koop)huizen worden gebouwd waar veel mensen/gezinnen met een hoger inkomen op af zouden komen, wat vervolgens dus het gemiddelde inkomen in Houten zou verhogen. Wat volgens meneer Bemmel ook mee zou kunnen spelen is dat Houten niet veel asielzoekers opneemt, ‘wij hebben hier in Houten een heel andere verhouding vergeleken met grotere steden zoals Utrecht’. Hij geeft aan dat statushouders die dus pas kort in Nederland zijn over het algemeen in de armoede beginnen, wat dus het gemiddelde omlaag zou brengen, maar wat dus niet het geval is aangezien Houten niet veel asielzoekers opneemt.

Hoewel de exacte oorzaak van de daling niet met zekerheid is vast te stellen, lijkt een combinatie van factoren een rol te spelen. De inzet van Stichting Leergeld Houten, de groei van de gemeente door nieuwbouw en de specifieke samenstelling van de bevolking zouden allemaal kunnen hebben bijgedragen aan het lage armoedecijfer. Voor Stichting Leergeld is de afname van kinderarmoede in ieder geval een positieve ontwikkeling. Tegelijkertijd blijft de organisatie zich inzetten voor kinderen die opgroeien in gezinnen met financiële problemen, zodat zij dezelfde kansen krijgen als hun leeftijdsgenoten. ‘Houten is een rijke gemeente, behalve voor de mensen voor wie wij de belangen behartigen en die daar dus net niet van meeprofiteren’, aldus meneer Bemmel.

Over de auteur