UTRECHT- Het jaarrapport van 2025 van discriminatie.nl is uitgebracht en in Utrecht zijn het aantal meldingen van moslimdiscriminatie gestegen met 820%. In 2024 zijn er in totaal 94 meldingen gedaan van moslimdiscriminatie en in 2025 is dat aantal gestegen naar 866 meldingen. Deze stijging komt niet doordat er veel meer incidenten zijn gemeld, want het merendeel van de meldingen gaat over één incident.
In april is het jaarrapport van de antidiscriminatievoorziening (adv) discriminatie.nl Provincie Utrecht online gezet. In gemeente Utrecht is er een grote toename geweest in het aantal meldingen van moslimdiscriminatie, maar ongeveer 95% van die meldingen gaat over hetzelfde incident. Als er meerdere meldingen over hetzelfde incident binnen komen wordt dat ook wel een geclusterde melding genoemd. Al deze geclusterde meldingen gingen over een AI-foto die Geert Wilders plaatste in de aanloop van de verkiezingen van 2025. Op deze foto waren twee vrouwengezichten te zien. Links was een jonge blonde vrouw met make-up en blauwe ogen te zien met daaronder ‘PVV’. Rechts was een boze vrouw met rimpels en een hoofddoek te zien met daaronder ‘PVDA’. Daarbij stond de tekst ‘De keuze is aan u op 29/10’.
Over de grote hoeveelheid meldingen in gemeente Utrecht deelt Michel Aben, klachtenconsulent bij discriminatie.nl, ‘Utrecht is een hele progressieve gemeente en ook echt een studenten gemeente waardoor daar een grote hoeveelheid meldingen binnenkomt’. Een groot deel van de geclusterde meldingen is anoniem gedaan via de website. Als klachtenconsulent kijkt Michel Aben naar de meldingen en helpt hij mensen verder wanneer dat nodig is. Ook checkt discriminatie.nl of alle anonieme meldingen die worden gedaan echt zijn. ‘Soms zien we meldingen binnenkomen waarvan je gelijk ziet, dit is niet een serieuze melding. Die nemen we dan ook niet mee in de registraties’, zegt Aben.
‘De toename van moslimdiscriminatie in gemeente Utrecht komt door de AI-foto van Wilders, want als we die niet meerekenen zie je dat de meldingen van moslimdiscriminatie juist afnemen’, vertelt Aben. Dat betekent alleen niet dat discriminatie ook minder voorkomt. Volgens Aben is er een grote onder registratie wanneer het gaat over het melden van discriminatie. In 2023 heeft CBS-onderzoek gedaan naar ervaren discriminatie in Nederland. Daar kwam uit dat van de 11% die discriminatie ervaart, maar 1% het meldt bij een adv.
Wanneer een melding binnenkomt bij discriminatie.nl wordt die bekeken door een van de klachtenconsulenten. Als het geen anonieme melding is neemt discriminatie.nl contact op met degene die de melding heeft gedaan. Tijdens dat gesprek bieden ze een luisterend oor en geven ze advies. Daarnaast wordt er gekeken of er extra stappen ondernomen kunnen worden, zoals een aangifte of een melding bij het college van de rechten van de mens. ‘Je kan ons enigszins vergelijken met een huisarts, wij kunnen mensen informeren over welke wegen ze kunnen bewandelen’, vertelt Aben. Ook als er geen vervolgstappen ondernomen kunnen worden is een melding doen nog steeds belangrijk deelt Aben. Dit zorgt ervoor dat er meer inzicht komt in hoe vaak discriminatie voorkomt.
Om te zorgen dat mensen sneller een melding doen van discriminatie worden er verschillende stappen ondernomen. Eerst waren er verschillende adv’s die allemaal in één gebied van Nederland werkte, nu zijn die adv’s samen gaan werken om het landelijke meldpunt discriminatie.nl te ontwikkelen. Sinds dien zijn er al meer meldingen binnen gekomen, omdat mensen makkelijker de site kunnen vinden. Ook organiseert het meldpunt in midden-Nederland verschillende projecten om discriminatie.nl bekender te maken onder de mensen. Door deze projecten kan het zijn dat er door de jaren heen een stijging gaat zijn in het aantal meldingen dat wordt gedaan.
‘De meest ideale situatie zou zijn dat iedereen die discriminatie ervaart dat bij ons meldt, maar als dat zou gebeuren gaan we kopje onder. Dat aantal meldingen kunnen wij niet aan’, zegt Aben. De landelijke cijfers van discriminatie.nl worden soms gebruikt voor onderzoeken, maar de gemeentelijke cijfers zijn vooral voor de politici om meer context te krijgen over wat er gebeurt binnen de gemeente. Wat de oplossing is tegen discriminatie ligt volgens Aben aan twee dingen. Hij zegt dat er een duidelijke norm gesteld moet worden. De norm dat discriminatie echt niet toelaatbaar is moet door leiders in het bedrijfsleven, de politiek en directies op scholen gesteld worden. ‘Als zij de norm niet aangeven en uitspaken doen die niet toelaatbaar zijn, dan voelt iedereen die onder hen staat zich vrij om ook zulke uitspraken te doen’, vertelt Aben. Ook moeten omstanders meer gaan doen volgens Aben. ‘Je moet natuurlijk niet iets gaan doen waardoor je eigen veiligheid in het geding komt, maar je kunt wel naar degene die de discriminatie meemaakt toelopen en vragen of het goed met hen gaat of dat je iets voor hen kan doen’.