Nieuwegein

Selecteer Pagina

Nationale Bijentelling moet achteruitgang zichtbaar maken: ‘Zonder totaalbeeld missen we het probleem’

Nationale Bijentelling moet achteruitgang zichtbaar maken: ‘Zonder totaalbeeld missen we het probleem’

Bijenstal Natuurkwartier Foto: Julia Driessen

NIEUWEGEIN – De Nationale Bijentelling is nodig om beter in beeld te krijgen hoe het met wilde bijen in Nederland gaat, omdat experts en imkers signaleren dat het aantal bijen onder druk staat en bestaande gegevens niet altijd een volledig beeld geven van de situatie. Tijdens de jaarlijkse telling worden burgers opgeroepen om bijen in hun tuin, balkon of park te tellen, zodat onderzoekers en imkers een beter beeld krijgen van de soorten en aantallen die in Nederland voorkomen.

Volgens imkers is de achteruitgang van bijen niet altijd direct zichtbaar in het dagelijks leven, terwijl de gevolgen groot kunnen zijn voor de natuur en voedselvoorziening. ‘We zien lokaal verschillen, maar landelijk ontbreekt soms het totaalplaatje,’ zegt imker Anja Peters uit Nieuwegein. ‘De bijentelling helpt om die losse signalen bij elkaar te brengen.’ Tijdens de Nationale Bijentelling, die van 16 tot en met 20 april 2026 plaatsvindt, worden burgers gevraagd om bijen te observeren en door te geven welke soorten zij zien. Het doel is niet alleen om cijfers te verzamelen, maar ook om bewustwording te vergroten over het belang van bijen in ecosystemen.

Belang van bijen voor natuur en voedsel

Bijen spelen een belangrijke rol bij de bestuiving van planten en gewassen. Zonder bijen zouden veel fruitsoorten, groenten en bloemen niet of nauwelijks kunnen groeien. Toch staan veel bijensoorten onder druk door onder andere het gebruik van pesticiden, verlies van leefgebied en klimaatverandering. ‘De situatie is zorgelijker dan veel mensen denken,’ zegt Vincent Kalkman, onderzoeker bij Naturalis. ‘We hebben in Nederland te maken met een afname van biodiversiteit, en bijen zijn daar een belangrijke indicator voor. De Nationale Bijentelling helpt om die ontwikkeling zichtbaar te maken.’

Waarom een nationale telling nodig is

Het probleem dat de Nationale Bijentelling wil aanpakken, is dat er in Nederland geen volledig en actueel overzicht bestaat van alle bijensoorten in verschillende regio’s. Wetenschappelijk onderzoek is vaak kleinschalig en kostbaar, waardoor landelijke trends lastig te volgen zijn. Door burgers te betrekken, ontstaat er een groot netwerk van waarnemingen verspreid door het hele land. ‘Het idee is dat je met heel veel kleine waarnemingen samen een groter beeld krijgt,’ legt Kalkman uit. ‘Alleen zo kunnen we zien waar bijen nog goed voorkomen en waar het minder gaat.’ Volgens imkers helpt deze aanpak vooral om verschillen tussen gebieden zichtbaar te maken. In sommige stedelijke gebieden doen bijen het bijvoorbeeld beter dan in intensieve landbouwgebieden, maar zonder grootschalige data blijft dat deels speculatie.

Bewustwording als belangrijk effect

Naast het verzamelen van gegevens speelt bewustwording een grote rol. Door zelf bijen te tellen, leren deelnemers welke soorten er in hun directe omgeving leven en hoe afhankelijk de natuur is van bestuivers. ‘Veel mensen realiseren zich pas tijdens de telling hoeveel verschillende bijen er eigenlijk rondvliegen,’ zegt Hans Vos, imker uit Nieuwegein. ‘Dat zorgt ervoor dat mensen ook anders naar hun tuin of omgeving gaan kijken.’ Door burgers actief te laten deelnemen, wordt de afstand tussen wetenschap en samenleving kleiner.

Hoor en wederhoor: niet alle informatie is volledig

Toch zijn er ook kanttekeningen bij de Nationale Bijentelling. Zo geven sommige onderzoekers aan dat de gegevens afhankelijk zijn van de kennis van deelnemers, waardoor fouten in soortherkenning kunnen voorkomen. ‘Het is een waardevol project, maar geen vervanging van wetenschappelijk veldonderzoek,’ zegt Vos. ‘Het geeft vooral een indicatie, geen exacte cijfers.’ De telling is bedoeld als aanvullend instrument naast bestaande onderzoeken, en niet als enige bron van informatie over de bijenstand.

Samen een beter beeld van de natuur

Ondanks de beperkingen groeit de Nationale Bijentelling elk jaar in deelname. Volgens betrokken organisaties laat dat zien dat er steeds meer interesse is in biodiversiteit en natuurbehoud. Door burgers, imkers en onderzoekers samen te laten werken, ontstaat er een breder beeld van de situatie van bijen in Nederland. ‘Zonder dit soort initiatieven kijken we te veel naar losse stukjes informatie,’ zegt Peters. ‘En bijen zijn juist afhankelijk van het geheel.’ De Nationale Bijentelling laat daarmee zien dat het niet alleen gaat om cijfers, maar vooral om inzicht, bewustwording en samenwerking tussen wetenschap en samenleving.

 

Over de auteur

Julia Driessen

Julia Driessen (2006) is student aan de Hogeschool voor Journalistiek in Utrecht. Ze heeft in 2023 haar havo-diploma behaald en is hierna gaan uitpluizen wat ze écht leuk vond. Haar interesse naar mode, misdaad, politiek en schrijven bleef maar toenemen. Ook de enorme nieuwsgierigheid van Julia komt goed van pas in de journalistieke wereld. Julia is te bereiken via julia.driessen@student.hu.nl.