Bij Natuurkwartier is het voorjaar begonnen, wat betekent dat Nieuwegeiners druk aan het tuinieren zijn. Het grasveldje weer strak, paardenbloemen eruit, nieuwe plantjes erin. Maar is dat wel verstandig, al dat onkruid wieden? Tijdens Uurtje Natuurtje vertelt bioloog Luc de Bruijn over verschillende soorten planten en hun positieve en negatieve gevolgen.
Terwijl de laatste bezoekers nog via de achterdeur naar binnen sluipen, start De Bruijn zijn lezing. De zaal in het Milieu Educatie Centrum (MEC) zit stampvol met enthousiaste volwassenen. De Bruijn laat een aantal vaasjes met planten zien. ‘Is dit onkruid?’ klinkt het door de zaal. De een antwoordt instemmend ja, terwijl een ander zegt: ‘Ja, het zit op een plek waar je het meestal niet wil hebben,’ antwoord een bezoeker. Volgens De Bruijn is dat precies het punt van onkruid in Nederland. Nederlanders willen hun tuintje strak en netjes hebben, zonder ongewenste planten.
Doel van de lezing
De Bruijn wil met deze lezing laten zien dat niet al het onkruid als slecht beschouwd moet worden. Aan de hand van een presentatie legt hij verschillende zaken uit. Hij begint bij de definitie van het woord ‘onkruid’: een woord met een negatieve lading. Kruid (planten) die je niet wilt hebben (on). Het is dus vooral een kwestie van persoonlijke voorkeur.
Bezoeker en imker Hans de Vos vertelt dat onkruid belangrijk is voor de biodiversiteit. De Vos is bezorgd over de toekomst, onder andere door de klimaatverandering. ‘Door dit soort lezingen hoop ik dat mensen meer betrokken raken bij de natuur en het belang ervan.’
Soorten onkruid
Er is volgens De Bruijn een verschil tussen inheemse en uitheemse planten. Inheemse plantenhebben zich na de ijstijd op eigen kracht ontkiemd. Terwijl uitheemse planten daarna zijn geïntroduceerd. Dat kan op verschillende manieren gebeuren. Op natuurlijke wijze, bijvoorbeeld doordat vogels zaden meenemen, maar ook door mensen die planten meenemen en op nieuwe plekken neerzetten. Die uitheemse planten verspreiden zich vaak snel, zoals de vlinderstruik.
Experiment met tuinkers
Ter voorbereiding op de lezing heeft De Bruijn een experiment gedaan met tuinkerszaadjes. Hij laat verschillende Petri schaaltjes zien met zaadjes op vochtig keukenpapier. De zaadjes zijn op verschillende momenten geplant, waardoor het groeiproces van tuinkers duidelijk zichtbaar wordt.
Tuinkers is volgens De Bruijn een van de makkelijkst verwijderbare kruiden. Hij vertelt dat handmatig verwijderen het beste werkt. Daarnaast kun je de plantjes plukken en gebruiken in een salade. Ook paardenbloemen zijn daarvoor geschikt. In de zaal klinkt instemming: veel bezoekers lijken zich ervan bewust dat veel kruidsoorten bruikbaar zijn voor de mens.
Bezoeker aan het woord
In de pauze, waarin de koffie opnieuw wordt ingeschonken en bezoekers de ontkiemde tuinkers bekijken, blijkt ook het sociale belang van de lezingen. Deelnemers die eerdere lezingen bezochten, reageren enthousiast. ‘Het is leuk, Luc kan het ook zo leuk vertellen,’ aldus bezoeker Ron. Hij is vanavond voor het eerst aanwezig en vindt juist het alledaagse onderwerp toegankelijk. ‘Iedereen heeft te maken met onkruid. Je ziet het overal en door deze lezing leer je waar het goed voor is.’
De avond wordt afgesloten met verschillende Nederlandse spreekwoorden en gezegdes over onkruid, waaronder: “Onkruid vergaat niet.” Vervolgens verschijnt de laatste dia van de presentatie met de boodschap: “Onkruid bestaat niet.” Onder luid applaus bedankt De Bruijn het publiek en kijkt hij tevreden terug op een geslaagde en leerzame avond.
In de onderstaande videoreportage is te bekijken hoe de lezing verliep.
