Nieuwegein

Selecteer Pagina

Van fatbikes tot kinderliedjes: Nederlands oefenen bij Taalbrigade Kids

Van fatbikes tot kinderliedjes: Nederlands oefenen bij Taalbrigade Kids

De Oasis ruimte in de Bibliotheek Nieuwegein Foto: Julia Driessen

NIEUWEGEIN – Bij Taalbrigade Kids in de bibliotheek van Nieuwegein oefenen ouders en jonge kinderen samen de Nederlandse taal. Vrijwilligers voeren gesprekken met ouders over uiteenlopende onderwerpen uit het dagelijks leven, terwijl kinderen via spel, voorlezen en liedjes in aanraking komen met het Nederlands. Elke maandagochtend van 09.30 tot 11.45 vindt de activiteit plaats in de Oasis van de Bibliotheek Nieuwegein.

Speelgoedautootjes rijden over de vloer. Een peuter stapelt blokken op elkaar, terwijl een ander kind met een knuffel onder zijn arm door de ruimte loopt. Aan verschillende tafels zitten ouders met vrijwilligers in gesprek. Nederlands vormt de rode draad, maar de onderwerpen gaan alle kanten op.

Dagelijkse onderwerpen

Aan een tafel bespreekt vrijwilliger Peter Goosens met drie vrouwen uit Frankrijk, Marokko en Spanje de helmplicht voor elektrische fietsen. De vraag of er een minimumleeftijd voor e-bikes moet komen, leidt tot verschillende meningen. Een van de vrouwen vertelt dat ze zelf een fatbike heeft. Goosens legt uit welke regels in Nederland gelden en hoe de discussie daarover momenteel wordt gevoerd.

Even later verschuift het gesprek naar Pinksteren. Wanneer zijn de winkels gesloten? Hebben kinderen vrij van school? Vervolgens gaat het over vakanties. Een vrouw vertelt over een reis die ze binnenkort maakt, waarna een andere deelnemer enthousiast tips geeft omdat zij het land al heeft bezocht.

Aan dezelfde tafel komt ook kunstmatige intelligentie voorbij. De vrouwen discussiëren over de voor- en nadelen van ChatGPT. Sommigen vinden dat technologie mensen minder creatief maakt, terwijl anderen juist de praktische voordelen zien. Goosens laat op zijn telefoon zien hoe het programma werkt. Hij maakt een foto van een van de vrouwen en vraagt het programma vervolgens om haar op een paard te plaatsen.  De tafel kijkt mee terwijl de bewerkte afbeelding verschijnt.

Leren op eigen niveau

Een paar meter verderop ziet het gesprek er heel anders uit. Ook daar zit een vrijwilliger die Peter heet, maar hier ligt het taalniveau lager. Op tafel liggen afbeeldingen waarmee woorden worden geoefend. De vragen zijn eenvoudiger. Wat is Pinksteren? Waarom zijn scholen gesloten? Het gesprek draait minder om meningen en meer om het leren van Nederlandse woorden en begrippen.

Volgens voorleesconsulent Eva Zweegman worden deelnemers bewust ingedeeld op taalniveau. Zo komen ouders terecht bij een vrijwilliger die aansluit bij wat zij al kunnen. Terwijl de volwassenen gesprekken voeren, richt Zweegman zich op de kinderen.

Op de grond zit ze tussen een groep peuters. Het ene moment bouwt ze torens van blokken, het volgende moment schuift ze aan bij een speelgoedkeukentje waar denkbeeldige taartjes worden geserveerd.

‘In het begin zijn kinderen vaak nog verlegen en willen ze bij hun moeder blijven zitten’, vertelt Zweegman. ‘Dat accepteren we gewoon helemaal. Maar op een gegeven moment worden ze nieuwsgierig en gaan ze toch meedoen.’

Tijdens een gezamenlijke pauze vormen de kinderen een kring. Er worden liedjes gezongen en tussendoor eten ze iets kleins. Eerst kijken sommige kinderen nog afwachtend om zich heen, maar al snel zingen verschillende stemmen mee. Volgens Zweegman helpt juist dat spelenderwijs leren bij de taalontwikkeling. ‘Door liedjes blijft taal vaak beter hangen. Je ziet dat kinderen steeds meer mee gaan zingen.’

Verschillende culturen

Aan een andere tafel voert vrijwilliger Maarten Kuijl gesprekken met drie vrouwen uit verschillende landen. Een vrouw uit Zweden woont tien maanden in Nederland en spreekt vooral Engels. Naast haar zit een vrouw uit Tsjechië, die al elf jaar in Nederland woont en vrijwel vloeiend Nederlands spreekt. Een derde deelnemer komt uit India en probeert steeds vaker Nederlands te gebruiken.

Het gesprek gaat van taal naar cultuur. Kuijl merkt op dat Zweeds soms verrassend veel op Nederlands lijkt. De Zweedse vrouw lacht en noemt het haar ‘Swedish cheat code’. Even later verschuift het onderwerp naar familie en trouwen. De Indiase deelnemer vertelt openhartig over haar gearrangeerde huwelijk en laat foto’s zien op haar telefoon. De andere vrouwen reageren nieuwsgierig en stellen vragen.

‘Ik praat met ouders over van alles,’ zegt Kuijl. ‘Over hun eigen land, maar ook over Nederland en Nederlandse normen en waarden.’ Volgens hem draait taal leren niet alleen om grammatica. Het gaat ook om durven spreken. ‘Soms moet iemand vooral meer vertrouwen krijgen om te praten.’

Vrije sfeer

Dat vertrouwen lijkt overal in de ruimte zichtbaar. Ouders luisteren naar elkaar, stellen vragen en delen ervaringen. Kinderen rennen ondertussen tussen de tafels door. Af en toe zoekt een peuter even de hand van een ouder op, om vervolgens weer verder te spelen.

De sfeer is rustig en vrijblijvend. Niemand hoeft voortdurend mee te praten. Luisteren mag ook. Juist daardoor ontstaan gesprekken die verder gaan dan taal alleen. Er wordt gesproken over opvoeding, feestdagen, reizen, familie en het leven in Nederland.

Waar sommige kinderen aan het begin van de ochtend nog stil naast hun ouder zaten, bewegen ze zich aan het einde vrij door de ruimte. Tussen het speelgoed, de gesprekken en de liedjes door wordt niet alleen Nederlands geoefend, maar ook gewerkt aan iets anders: het gevoel ergens bij te horen.

 

In de Bibliotheek in Nieuwegein komen ouders en kinderen samen om de Nederlandse taal te leren. Iedereen doet dit op hun eigen niveau. De kinderen, die niet ouder dan vier jaar mogen zijn, spelen ondertussen met elkaar en de vrijwilligers. Mylan Schneider heeft hier een video-reportage over gemaakt.

Over de auteur

Julia Driessen

Julia Driessen (2006) is student aan de Hogeschool voor Journalistiek in Utrecht. Ze heeft in 2023 haar havo-diploma behaald en is hierna gaan uitpluizen wat ze écht leuk vond. Haar interesse naar mode, misdaad, politiek en schrijven bleef maar toenemen. Ook de enorme nieuwsgierigheid van Julia komt goed van pas in de journalistieke wereld. Julia is te bereiken via julia.driessen@student.hu.nl.