BINNENLAND – Door de toename van rattenoverlast en het groeiende aantal sluitingen in de horeca staan ratten steeds vaker in de aandacht. Om te begrijpen waarom ze een probleem kunnen vormen, is het belangrijk om naar hun gedrag te kijken. Ze leven steeds meer in onze samenleving. Zo duiken ze op in studentenhuizen, boerderijen en dus restaurants.
Ratten passen zich snel aan hun omgeving aan. Ze leven vaak dicht bij mensen, omdat daar voedsel en schuilplekken te vinden zijn. Denk aan afval, riolen, kelders en gebouwen. In steden maken ze gebruik van wat mensen achterlaten. Daardoor kunnen ze zich makkelijk vestigen en snel verplaatsen.
Volgens gedragsbiologen leren ratten van hun ervaringen. Ze onthouden waar voedsel te vinden is en welke plekken veilig zijn. Als een plek genoeg eten biedt, komen ze daar steeds terug. Ook leren ze van gevaar. Daardoor vermijden ze vallen en andere vormen van bestrijding. Dat maakt het lastig om ratten effectief aan te pakken.
Ratten zijn van nature schuw en vermijden contact met mensen. Ze zijn vooral ’s nachts actief en blijven meestal uit het zicht. Toch worden ze vaker gezien, omdat ze dichter bij mensen leven. Vooral in drukke steden komen hun leefgebied en dat van mensen steeds vaker samen.
Ook menselijk gedrag speelt een belangrijke rol. Open vuilniszakken, etensresten op straat en rommelige opslagplekken maken een omgeving aantrekkelijk voor ratten. Als er genoeg voedsel en schuilplekken zijn, blijven ze terugkomen. Daardoor ontstaat een wisselwerking: hoe meer kansen mensen bieden, hoe beter ratten zich aanpassen. En hoe beter ratten zich aanpassen, hoe groter de kans dat mensen ze tegenkomen. Dat zorgt niet alleen voor overlast, maar ook voor sterke reacties van walging.
