In de Tweede Kamer heeft kamerlid Gideon van Meijeren van Forum voor Democratie gezegd: “Dat een mannelijke gedetineerde beweert zich te identificeren als vrouw, kan al voldoende zijn om in een vrouwengevangenis te worden geplaatst.” Hierbij stelt hij ook dat veel vrouwelijke gedetineerden zich onveilig voelen om samen te zitten met ‘mannelijke’ gedetineerden en dit hebben gemeld bij belangenorganisatie Bonjo.
Bewering
Als een mannelijke gedetineerde zich identificeert als vrouw, kan dat al voldoende zijn om in een vrouwengevangenis te worden geplaatst.
Oordeel
Onjuist
Bron van bewering
Kamerlid Gideon van Meijeren is lid van Forum voor Democratie. Hij deed deze uitspraak in de Tweede Kamer, en deze is later gedeeld op X, YouTube en de website van de FvD. Hij verwijst in zijn claim naar het idee dat de wet niet kijkt naar het oorspronkelijke geslacht van de gedetineerde, maar alleen naar hun zelfidentificatie. Ook zegt hij dat de organisatie Bonjo meldingen ontvangt van vrouwelijke gedetineerden die zich onveilig voelen.
Aanvullende informatie
Iemand die transgender is, is iemand die een andere genderidentiteit heeft dan het geboortegeslacht. Op de website van de rijksoverheid staat dat sinds 2022 transgender personen hun geslacht op de geboorteakte kunnen laten aanpassen, en daardoor ook in hun paspoort, rijbewijs en op diploma’s. Om het geslacht op de geboorteakte te kunnen aanpassen, is een verklaring nodig van een arts, psycholoog of psychotherapeut.
Waarom de claim onwaar is
In de Tweede Kamer zegt Van Meijeren dat mannelijke gedetineerden alleen hoeven te beweren dat zij zich vrouw voelen om in een vrouwengevangenis geplaatst te worden. De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid schrijft in een Kamerbrief dat volgens de Dienst Justitiële Inrichtingen (DJI) in eerste instantie wordt gekeken naar het formele geslacht in het paspoort. Als een gedetineerde transgender is, wordt er gekeken naar de meest geschikte plek per persoon. Geciteerd uit de Kamerbrief duidt:
“Hierbij is altijd sprake van een zorgvuldige afweging waarbij de veiligheid van alle betrokkenen van doorslaggevend belang is. In deze afweging worden meerdere factoren meegenomen, zoals fysieke kenmerken, de veiligheid van de desbetreffende gedetineerde, de veiligheid van medewerkers, de veiligheid van medegedetineerden en zorgbehoeften.”
Ook achteraf wordt er gekeken of de plaatsing de juiste keuze was. De claim dat een gedetineerde alleen hoeft te beweren zich vrouw te voelen, klopt dus niet.
Een andere blik
Esther van Ginneken is universitair docent aan de Universiteit Leiden, bij het instituut voor Strafrecht en Criminologie. Ook heeft zij samen met deskundige Pauline Jacobs een wetenschappelijk artikel geschreven over de plaatsing van transgender en non-binaire personen in Nederlandse penitentiaire inrichtingen.
“De uitspraak is kort door de bocht en klopt niet”, vertelt Van Ginneken. Ook zij verwijst naar de brief van DJI, waaruit blijkt dat er per persoon wordt gekeken. “Ze hebben aangegeven dat heel veel verschillende zaken worden meegewogen. De genderidentiteit zal ongetwijfeld worden meegenomen, maar daarnaast wordt ook een risico-inschatting gemaakt voor zowel de transgender persoon als de andere personen in de instelling. Daarbij wordt afgewogen wat uiteindelijk de beste plek is voor iemand. Andere veiligheidsrisico’s, bijvoorbeeld gerelateerd aan het delict waarvoor iemand verdacht of veroordeeld is, kunnen ook worden meegenomen. Het is dus niet zo dat de plaatsing alleen op basis van voorkeur gebeurt”, aldus Van Ginneken.
Veiligheidsgevoel onder vrouwelijke gedetineerden
Ook de meldingen waarnaar Van Meijeren verwijst, zijn onjuist. Bonjo heeft hierop gereageerd in een persbericht: “Bonjo ontvangt geen structurele stroom van meldingen over geweld door transvrouwen in vrouwengevangenissen. Als organisatie voor (ex-)gedetineerden ontvangen wij regelmatig signalen en meningen van gedetineerden over uiteenlopende onderwerpen, maar de suggestie dat wij herhaaldelijk of massaal klachten over dit specifieke onderwerp ontvangen, klopt niet.”
Van Ginneken vertelt dat angst en bedreiging zeker kunnen voorkomen, maar dat dit niet altijd met gender te maken heeft. “Wat veel onderzoek juist laat zien, is dat trans personen zelf vaak slachtoffer zijn van discriminatie, bedreiging en geweld. Het is belangrijk om dat steeds te benadrukken”, vertelt ze.
Waar Van Meijeren zijn bewering op baseert is dus een vraag. Ik heb hem benaderd voor een antwoord, maar ik kreeg geen reactie.
Conclusie
De uitspraak van Gideon van Meijeren is dus onjuist. De reactie van de DJI laat zien dat het een complex en zorgvuldig proces is, en dus niet alleen op basis van een bewering plaatsvindt. Ook deskundige Esther van Ginneken bevestigt dit. De uitspraak over het veiligheidsgevoel onder vrouwelijke gedetineerden is gebaseerd op foutieve informatie. Hierop heeft de desbetreffende organisatie Bonjo ook bevestiging op gegeven en er is geen bewijs dat dit structureel voorkomt.
