Boeren uiten zorgen in provinciehuis over het Utrechts Programma Landelijk Gebied
Utrecht – Boeren en belangenorganisatie Agractie kwamen op 23 september samen in het provinciehuis om hun zorgen te uiten over het Utrechts Programma Landelijk Gebied. In het programma staan de plannen voor de komende tien jaar voor onder meer landbouw, natuur en water. Toch vertellen de boeren en Agractie dat de manier waarop de provincie die doelen wil bereiken niet haalbaar is.
Het doel van het programma is om het landelijk gebied te verbeteren. Het belangrijkste is dat de natuur, de waterkwaliteit en de waterkwantiteit verbeteren. Ook worden er klimaatmaatregelen genomen. Daarvoor zijn allerlei maatregelen nodig, bijvoorbeeld het verminderen van de uitstoot van stikstof door agrarische bedrijven.
Niet haalbaar
Voor veel boeren zijn de doelen niet haalbaar. Dit komt doordat er veel doelen tegelijkertijd moeten worden behaald. Boeren vinden de doelen van het UPLG volgens Agractie moeilijk haalbaar, omdat er tegelijkertijd veel eisen worden gesteld aan stikstof, water, natuur en klimaat. Zij vrezen dat deze maatregelen hun bedrijfsvoering en inkomen onder druk zetten. Ook vinden ze de regels en toekomstige ontwikkelingen onvoldoende duidelijk en zijn sommige deadlines volgens hen te krap.
1.700 zienswijzen
Tijdens het inspraakmoment vertelden boeren dat hun zienswijzen niet serieus werden genomen en dat zij zich daardoor niet gehoord voelden. Statenlid van GroenLinks, Ernst Hart, die bij de bijeenkomst was, snapt de zorgen, maar is het er niet helemaal mee eens. ‘Ik denk niet dat je dat zomaar kunt zeggen. Wij hebben heel veel ambtenaren die daar dagelijks aan werken en ik ga ervan uit dat die dat ook heel zorgvuldig doen. Maar er is natuurlijk wel een verschil tussen of jouw mening wordt overgenomen of dat die niet wordt overgenomen. En dat is iets anders dan dat er niks met zienswijzen wordt gedaan. Maar ja, ik snap het wel.’
Daarnaast vertelt hij dat hij samen met collega’s boeren en boerderijen bezoekt en de zorgen van boeren over het beleid begrijpt. ‘Ik snap heel goed dat dat voor sommige bedrijven heel ingewikkeld is en dat ze liever zien dat ze kunnen blijven doorgaan op de manier waarop ze nu ook al werken. Maar het eerlijke verhaal is dat dat niet kan.’
Provinciaal of landelijk beleid?
Er zijn eisen die de provincie en het Europees Verband hebben afgesproken waaraan ze moeten voldoen. De provincie Utrecht is de eerste die een uitgewerkt plan heeft, dat ook via instructieregels in de omgevingsverordening wordt vastgelegd. Vanaf januari kan de provincie met de uitvoering van dat plan beginnen. Daarmee is de provincie Utrecht koploper in Nederland. ‘Daarnaast heeft het kabinet een plan gemaakt. Maar dat is nog maar een plan. En er zit ook een deel zorg in van: gaat het Utrechtse plan nou heel anders zijn dan het landelijke plan? Want dan moeten boeren eerst aan het Utrechtse plan voldoen en dan een jaar of twee jaar later opeens aan het landelijke plan. Dat zou heel vervelend zijn als die twee plannen botsen’, vertelt Hart.
Maar hij verwacht niet dat die plannen gaan botsen. ‘Onderdelen misschien wel, maar daar valt natuurlijk de boel wel te stroomlijnen. Maar als wij niet beginnen, dan gebeurt er niks en dan blijven we nog langer op slot, inclusief de agrarische sector zelf.’
Voor jonge boeren blijft, ondanks de onzekerheid rondom het landbouwbeleid, de vraag of zij een goede toekomst voor zich zien. Daarom gaat verslaggever Danielle Reyes Urbano in gesprek met jonge boer Pim waarin hij vertelt hoe hij naar zijn toekomst kijkt als boer.
