Gevolg van kostendelersnorm groot voor jongvolwassenen

Gevolg van kostendelersnorm groot voor jongvolwassenen

Bron: Pexels

UTRECHT – Eind november meldde het NOS dat de tien grootste gemeenten van Nederland meer dan honderd keer per jaar een uitzondering maken op de kostendelersnorm. Een deel van de gemeenten geeft zelfs aan van de regeling af te willen. Marjet van Houten, expert participatie en bestaanszekerheid, is van mening dat dit een goed idee is vanuit het standpunt van dakloze jongeren. Volgens haar vergroot de kostendelersnorm namelijk het risico op dakloosheid onder jongvolwassenen.

Kostendelersnorm

De kostendelersnorm houdt in dat als meerdere bijstandsgerechtigden samenwonen, de gemeente de hoogte van de uitkering volgens de Participatiewet aanpast. Hoe meer mensen samenwonen, hoe lager de uitkering. Dit komt omdat de woonlasten lager zijn als je ze verdeelt. Deze regeling is in 2015 ingesteld om het uitkeringen stapelen te voorkomen. Voorheen was het namelijk mogelijk om met meerdere bijstandsgerechtigden in één huishouden te wonen zonder beperkingen. Omdat er nog geen regeling was ontvingen alle huisgenoten het volledige bedrag van hun uitkering. Nu is dat veranderd, als twee bijstandsgerechtigden samenwonen ontvangen ze beide maar 50% van hun uitkering. Er zijn bepaalde uitzonderingen op de kostendelersnorm, zoals jongeren tot 21 jaar en kamerhuurders met een commercieel contract.

Ontstaan problemen

Het instellen van de kostendelersnorm heeft verschillende problemen met zich meegebracht. Volgens Mark Franken, informatiemedewerker bij Movisie, zijn er meerdere belemmeringen voor jongvolwassen rondom de regeling. “Het invoeren van de kostendelersnorm doet de gemeente direct als twee mensen in de bijstand bij elkaar staan ingeschreven, terwijl het aanvragen van een uitkering een paar maanden duurt bij jongeren.” Mensen in de bijstand hebben geen financiële buffer voor een paar maanden en komen door de wachttijd in grotere geldproblemen. “Daar kan de gemeente maatwerk voor bieden, er zijn ook gemeenten die dat doen, maar heel veel gemeenten hebben hier problemen mee omdat maatwerk tijd en geld kost”, geeft Franken aan. Het volgende probleem ontstaat bij het verdelen van de woonlasten als kinderen bij hun ouders wonen. “Veel ouders hebben een schaamtegevoel om een bijdrage aan hun kinderen te vragen, omdat ze maar de helft van de uitkering ontvangen raken die ouders in grote financiële problemen”, zegt Franken. Ook zijn er ouders die wel om woonlasten vragen aan hun kinderen. Als er meerdere problemen zijn in het gezin kan dit voor een conflict zorgen tussen de ouder en het kind. Dit conflict kan escaleren tot het uit huis zetten van het kind.

Dakloze jongeren

Jongvolwassenen boven de 21 die uit huis zijn gezet, worden meestal in eerste instantie ‘bankslapers’. Dit houdt in dat ze overnachten bij vrienden om een dak boven hun hoofd te hebben. Sommige jongeren komen in een maatschappelijke opvang terecht. “Als ze in een dak- of thuisloos situatie blijven hangen levert dat problemen op”, zegt Franken. Het niet hebben van een woning belemmert het vinden van werk. Dakloze jongeren hebben namelijk geen adres waarop de werkgever hen kan bereiken. De huidige woningnood maakt het nog lastiger om aan een huis te komen. Er loopt momenteel een pilotproject in Amsterdam waarbij bijstandsgerechtigden een kamer verhuren. Op die manier kan de bijstandsgerechte aan een hoger inkomen komen en wat toevoegen aan de woningnood. Dit soort maatwerk kost voor een gemeente veel tijd en geld, dat is een reden dat sommige gemeenten hier terughoudend mee zijn. Toch is het verstandig als gemeente om hierin te investeren. “Uiteindelijk ben je als samenleving meer kwijt, voor bijvoorbeeld maatschappelijke opvang of projecten dan wat je bespaart door de kostendelersnorm”, zegt Franken tenslotte.

 

Over de auteur

Laat een antwoord achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.