Factcheck: ‘Docenten willen meer aandacht voor seksuele vorming in onderwijs’

Factcheck: ‘Docenten willen meer aandacht voor seksuele vorming in onderwijs’

Seksuele voorlichting op de middelbare school is al eeuwen hetzelfde, je slaat een boek open, bladert er doorheen in de les, let half op wat de leraar zegt en giechelt met je vrienden om woorden die dan nog grappig zijn. Je bestudeert het onderwerp en rond je toets af met een cijfer, uiteindelijk ben je niks wijzer geworden dan een paar foto’s van geslachtsdelen. Dat is althans hoe de meeste het zich herinneren.

In dit artikel gaan we een artikel van de NOS controleren. Zij kwamen met de bewering: ‘Docenten willen meer aandacht voor seksuele vorming in onderwijs’ gebaseerd op het rapport van het expertisecentrum voor seksualiteit Rutgers en Soa Aids Nederland. Dit rapport komt uit eind 2021, waarin werd onderzocht onder 356 docenten biologie, 154 docenten maatschappijleer en 213 schoolleiders in het voortgezet onderwijs, hoe het thema seksuele voorlichting bij hen op school gegeven wordt en of dit beter kan.

Op 96% van de scholen die zijn ondervraagt werd er seksuele voorlichting gegeven. Op deze scholen komen een aantal onderwerpen nauwelijks aan bod tijdens seksuele voorlichting; seksueel plezier (22%), consent (toestemming) (36%), weerbaarheid en seksuele grensoverschrijding (46% ) en veiligheid online (57%). Dit wordt ook allemaal benoemd in het artikel van de NOS. Ook de mening over de aandacht die aan de rationele en seksuele vorming wordt besteed is verdeeld, de helft van de docenten maatschappijleer en bijna vier op de tien docenten biologie vinden dat er onvoldoende aandacht aan wordt besteed. Ook een kwart van de schoolleiders vindt dat het beter kan. Daarbij willen ze dat seksuele voorlichting niet alleen in de onderbouw wordt gegeven, maar ook in de bovenbouw.

Lauwers, onderzoeker en contact van Rutgers geeft aan dat:’ Het hoog tijd is dat seksuele vorming met concrete verplichte kerndoelen wordt uitgewerkt in het nieuwe curriculum. Niet alleen voor de onderbouw, maar ook voor de bovenbouw, zoals docenten in de peiling aangeven en jongeren in eerder onderzoek al hebben benoemd.’ Hier benoemt hij een onderzoek uit september 2019 waarin de tevredenheid onder jongeren over seksuele voorlichting werd gemeten. Ook geeft hij aan, net als in het artikel bij de NOS, dat het kabinet zich vanaf nu hierop gaat richten.

In het onderzoek zelf staat dat:  ‘Het doel van het onderzoek is inzicht krijgen in de mate van seksuele vorming binnen het VO, specifiek naar de mening en ervaringen van docenten biologie en maatschappijleer, die het meeste met (thema’s gerelateerd aan) seksuele vorming te maken hebben.’ Ook geven ze aan dat de schoolleiders zijn gevraagd om een idee te krijgen over hoe de seksuele voorlichting over het algemeen is op het voortgezet onderwijs.’ En daaruit is het volgende gebleken.

We kunnen concluderen dat het artikel van de NOS juist  was en dat er geen foutieve informatie is geschreven, daarentegen had het artikel wat uitgebreider gemogen aangezien er veel in het rapport stond wat ongeschreven bleef in het artikel.

Laat een antwoord achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.