UTRECHT – Afgelopen zondag vierden moslims wereldwijd het einde van de ramadan: Eid al-Fitr, ook wel bekend als het Suikerfeest. Na een maand van vasten kwamen moslims samen om deze dag te vieren. Uit een recent rapport van onderzoeksbureau Ipsos I&O blijkt dat de maatschappelijke acceptatie van het Suikerfeest toeneemt. Bijna 9 op de 10 Nederlanders zegt het Suikerfeest te kennen en 4 op de 10 zegt ook goed te weten wat er op deze dag gevierd wordt. De Utrechtse Jeimmy Plieger-Loosman ervaart deze ontwikkeling positief.
Het Suikerfeest markeert het einde van de ramadan. Tijdens de ramadan vasten moslims van zonsopgang tot zonsondergang en wordt er veel aandacht besteed aan bezinning, gebed en liefdadigheid. Zo bidden zij 5 keer per dag en spenderen zij meer tijd aan zelfreflectie. Het Suikerfeest staat in het teken van samenzijn met familie en vrienden, het delen van maaltijden en het geven van cadeaus.
Plieger- Loosman is bekeerling naar de islam. Dat betekent dat zij niet islamitisch is opgevoed of uit een islamitisch gezin komt, maar zichzelf naar het geloof heeft bekeerd. ‘Ik heb echt het gevoel dat de acceptatie tegenover het Suikerfeest ontzettend aan het groeien is. Mensen nemen meer de moeite zich er in te verdiepen en weten ook wát het is dat wij vieren, en waarom,’ vertelt Plieger- Loosman. Voor haar is het een belangrijke positieve verandering.
Naast de toegenomen acceptatie is er in winkels ook meer aandacht voor deze belangrijke viering, blijkt uit onderzoek door het Labyrint Onderzoek & Advies. Zo heeft zich een trend ontwikkeld waarbij verschillende winkels óók aandacht geven aan het Suikerfeest in hun productaanbod. Zo bieden o.a. winkels als Holland & Barrett, Douglas en Lucardi Suikerfeestgerelateerde aanbiedingen aan, zoals cadeaupakketten en decoratie.
In het rapport van Ipsos wordt ook benadrukt dat werkgevers en scholen steeds beter weten wat het feest inhoudt en daar rekening mee houden. Anne Mieke Ploeg is docent in het basisonderwijs. ‘Ik geef nu al jaren les op allerlei verschillende scholen, met elk een diverse groep leerlingen’, vertelt Ploeg. ‘In de afgelopen jaren heb ik zeker verandering gezien in de aandacht rondom het vasten en het feest. Zo waren de islamitische kinderen de dag na het Suikerfeest vrij en werd er een feestelijke viering georganiseerd met traktaties.’
Toch valt er nog winst te behalen. Niet alle moslims ervaren namelijk dezelfde mate van begrip of steun in hun omgeving. Uit onderzoek van het Regioplan en de Universiteit Utrecht blijkt dat moslimdiscriminatie nog een groot probleem is. Plieger-Loosman merkt dat er soms een verkeerd beeld bestaat over islamitische gebruiken: ‘In het geloof leren wij veel over ethiek en verantwoordelijkheid. De plichten die bij het geloof horen zijn maar een klein deel, maar dat wordt niet altijd begrepen door mensen die niet bekend zijn met de islam.’
Hoewel de acceptatie van het Suikerfeest in Nederland toeneemt, blijft er dus ruimte voor verbetering. Onderzoek toont aan dat begrip en inclusie rondom islamitische feesten niet overal vanzelfsprekend zijn. Initiatieven vanuit scholen, werkgevers en winkels dragen bij aan een positieve verandering, maar verdere bewustwording blijft noodzakelijk.