ZEIST – Het aandeel huishoudens met geregistreerde problematische schulden in Zeist is in 2025 gedaald naar het laagste niveau in drie jaar. Dat blijkt uit het CBS-dashboard Schuldenproblematiek in beeld. Zeist staat daarin niet alleen: bij vijf van de zeven onderzochte gemeenten, waaronder Zeist, is 2025 het laagste punt sinds 2023. Toch betekent die daling niet automatisch dat de geldzorgen onder inwoners zijn weggenomen.
Door: Tyron Bryson
Zeist op laagste niveau in drie jaar
In absolute aantallen gaat het om bijna 2.300 huishoudens met geregistreerde problematische schulden in 2025. Een jaar eerder waren dat er ruim 2.400. In 2023 ging het om ongeveer 2.350 huishoudens. Daarmee ligt het aantal in 2025 lager dan in de twee jaren daarvoor.
Ook procentueel is die daling zichtbaar. In 2023 had 7,8 procent van de Zeister huishoudens geregistreerde problematische schulden. In 2024 steeg dat licht naar 7,9 procent, waarna het aandeel in 2025 daalde naar 7,4 procent. Daarmee bereikte Zeist het laagste niveau in drie jaar.
Op papier lijkt dat positief nieuws. Toch is voorzichtigheid nodig, zegt IJda van den Boogaard van SchuldHulpMaatje Zeist. De organisatie helpt inwoners met dreigende schulden via getrainde vrijwilligers. Volgens IJda was het in 2024 en begin 2025 opvallend rustig met aanmeldingen, maar dat betekent volgens haar niet automatisch dat de geldproblemen zijn verdwenen.
Ook het jaarverslag 2025 van SchuldHulpMaatje Zeist laat zien dat er nog steeds hulpvragen zijn. In dat jaar meldden zich 47 nieuwe inwoners van Zeist met een hulpvraag. Vooral in de tweede helft van 2025 groeide het aantal hulpvragen weer. Volgens IJda kwamen er in de eerste maanden van 2026 zelfs alweer ongeveer evenveel aanvragen binnen als in het eerste halfjaar van 2025.
‘Er zouden veel meer mensen in financiële problemen moeten zijn, statistisch gezien, maar ze melden zich niet’, zegt IJda. Daarmee plaatst zij de daling in de CBS-cijfers in perspectief. De cijfers laten een geregistreerde daling zien, maar zeggen niet automatisch iets over alle geldzorgen die inwoners ervaren.
Ook in de regio vaak laagste punt in drie jaar
Om te onderzoeken of Zeist hierin uniek is, zijn de cijfers uit het CBS-dashboard vergeleken met omliggende gemeenten: De Bilt, Bunnik, Utrechtse Heuvelrug, Woudenberg, Soest en Utrecht.
Daaruit blijkt dat Zeist niet de enige gemeente is waar 2025 het laagste punt in drie jaar was. Ook in De Bilt, Woudenberg, Soest en Utrecht lag het aandeel huishoudens met geregistreerde problematische schulden in 2025 lager dan in 2023 en 2024. Daarmee is het patroon in meerdere gemeenten zichtbaar.
In De Bilt daalde het aandeel naar 6,2 procent. Een jaar eerder was dat nog 6,6 procent en in 2023 ging het om 6,3 procent. Ook in Woudenberg, Soest en Utrecht is 2025 het laagste punt van de afgelopen drie jaar.
Niet in alle gemeenten is dat zo. In Bunnik bleef het aandeel in 2025 gelijk aan 2024: 4,3 procent. Dat is hoger dan in 2023, toen het aandeel 4,2 procent was. In Utrechtse Heuvelrug daalde het percentage in 2025 wel ten opzichte van 2024, maar lag het aandeel in 2023 met 6,1 procent nog iets lager.
De daling in Zeist lijkt daarmee geen unieke lokale ontwikkeling. Van de zeven onderzochte gemeenten hebben er vijf in 2025 het laagste aandeel geregistreerde problematische schulden van de afgelopen drie jaar. Dat wijst eerder op een bredere regionale ontwikkeling dan op een ontwikkeling die alleen in Zeist speelt.
Tegelijkertijd blijft Zeist relatief hoog vergeleken met verschillende omliggende gemeenten. Met 7,4 procent ligt Zeist boven De Bilt, Bunnik, Utrechtse Heuvelrug en Woudenberg. Alleen Soest ligt met 7,7 procent hoger. Utrecht zit met 7,3 procent ongeveer op hetzelfde niveau.
Niet alle geldzorgen zijn zichtbaar
De cijfers uit het CBS-dashboard gaan over geregistreerde problematische schulden. Dat betekent dat vooral huishoudens meetellen die in beeld zijn bij instanties of registraties. Mensen kunnen dus wel geldzorgen hebben, zonder dat zij in deze cijfers terugkomen.
Volgens IJda geldt dat bijvoorbeeld voor informele schulden. Dat zijn schulden bij familie, vrienden of kennissen. Zulke schulden staan niet altijd officieel geregistreerd, maar kunnen voor huishoudens wel zwaar wegen. Daardoor kan de werkelijkheid achter geldproblemen groter zijn dan de CBS-cijfers laten zien.
Daarnaast komen mensen volgens IJda vaak pas in beeld als de problemen al groter zijn geworden. SchuldHulpMaatje helpt dan bijvoorbeeld met het ordenen van administratie, het openen van post en het krijgen van overzicht.
De hulp is vaak niet met één gesprek klaar. In het jaarverslag staat dat 40 procent van de hulpvragen binnen zes maanden wordt afgesloten. Het merendeel van de hulptrajecten duurt één tot twee jaar. Dat laat zien dat financiële problemen vaak tijd nodig hebben voordat er weer overzicht ontstaat.
Voorzichtig positief
De daling in de CBS-cijfers is positief, maar zegt niet alles. Zeist staat er in 2025 beter voor dan in de twee jaren daarvoor, maar de gemeente volgt vooral een bredere regionale daling. Ook blijft Zeist relatief hoog vergeleken met meerdere omliggende gemeenten.
Bovendien verwacht SchuldHulpMaatje Zeist voor 2026 juist een groei van het aantal nieuwe hulpvragers. Ook ziet de organisatie dat hulpvragen complexer worden. Daarbij zijn jongeren volgens IJda een aandachtspunt. Zij ziet dat jongeren tussen de 18 en 27 jaar vaker vastlopen, onder meer door achteraf betalen en minder overzicht over hun administratie. In het jaarverslag staat dat SchuldHulpMaatje kijkt hoe Moneymaatje lokaal kan worden ingezet voor jongeren met geldproblemen.
De daling is daarom goed nieuws, maar geen bewijs dat de financiële problemen in Zeist ook echt sterk zijn verminderd.
