HOUTEN – Het aantal woninginbraken in Nederland is de afgelopen jaren sterk afgenomen. Ook in Houten is die ontwikkeling zichtbaar. Uit cijfers van de politie en het CBS blijkt dat inbrekers steeds minder vaak toeslaan. Toch betekent dat niet dat het probleem verdwenen is. Vooral pogingen tot inbraak komen nog regelmatig voor en sommige woningen blijven aantrekkelijk voor criminelen.
Landelijk werden in 2025 ongeveer 21.600 woninginbraken geregistreerd. Dat zijn ruim 800 minder dan in 2024 en het laagste aantal sinds de politie in 2012 met de huidige registratiemethode begon. Sinds 2021 schommelt het aantal woninginbraken tussen de 21.000 en 24.000 per jaar, terwijl er tien jaar geleden nog meer dan 70.000 woninginbraken per jaar werden geregistreerd.
Ook Houten laat positieve cijfers zien. Uit het veiligheidsbeeld van de gemeente blijkt dat het aantal woninginbraken in 2024 met 13 procent daalde ten opzichte van 2023. In 2023 werden nog 88 woninginbraken geregistreerd, terwijl dat aantal in 2024 terugliep naar 77. Daarmee volgt Houten de landelijke trend.
De daling zette in 2025 sterk door. In de eerste helft van dat jaar werden slechts acht woninginbraken geregistreerd, tegenover 42 in dezelfde periode van 2024. Dat betekent een afname van maar liefst 81 procent. Volgens de gemeente en politie hangt dit mogelijk samen met de aanhouding van een veelpleger en een gerichte aanpak van woningcriminaliteit.
Wel is er na een lange tijd weer, na een flinke daling in de afgelopen jaren, een stijging te zien van woninginbraken in het eerste kwartaal in 2026. Waar in 2025 in het eerste kwartaal nog maar vier woninginbraken plaatsvonden, zijn er in 2026 er al 11 geregistreerd. Ook blijkt uit politiedata blijkt dat woninginbraken niet gelijkmatig over Houten zijn verdeeld. Recente meldingen laten zien dat postcodegebieden 3991 en 3994 relatief vaak voorkomen in de registraties van woninginbraken en pogingen daartoe. In de afgelopen maanden werden in deze gebieden meerdere incidenten gemeld.
Veiligheidsexperts wijzen erop dat vooral woningen aan de rand van woonwijken, huizen met weinig sociale controle en woningen die langere tijd onbewoond lijken een groter risico lopen. Ook hoekwoningen en vrijstaande woningen zijn aantrekkelijker voor inbrekers, omdat zij meer beschutting bieden en vaak meerdere toegangswegen hebben. Uit landelijke analyses blijkt daarnaast dat donkere wintermaanden nog steeds de meest risicovolle periode vormen. Tijdens de zogenoemde donkere dagen vinden gemiddeld tientallen woninginbraken per dag plaats.
Wat wel positief en opvallend is, is dat Houten relatief goed scoort als het gaat om het mislukken van inbraakpogingen. Onderzoek naar bijna 100.000 inbraakincidenten tussen 2020 en 2023 laat zien dat inbrekers in Houten tot de minst succesvolle van Nederland behoren. Meer dan de helft van de pogingen strandde zonder dat de daders daadwerkelijk binnenkwamen. Dat wijst op effectieve beveiliging van woningen en een hoge mate van alertheid onder bewoners.
Ondanks de positieve cijfers heeft een woninginbraak vaak een grote impact op slachtoffers. Naast de financiële schade ervaren veel mensen gevoelens van onveiligheid nadat er in hun huis is ingebroken. Daarom blijft de politie woninginbraken beschouwen als een zogenoemd ‘high impact crime’.
