Utrecht Centrum

Selecteer Pagina

Universiteit Utrecht ervoer grote problemen door brand in Almere

Universiteit Utrecht ervoer grote problemen door brand in Almere

Logo Universiteit Utrecht

De Universiteit Utrecht sloot vorige week tijdelijk haar deuren nadat een brand in een datacenter in Almere grote technische storingen veroorzaakte. Tentamens vielen uit, digitale systemen werden onbereikbaar en studenten en medewerkers konden niet meer normaal werken. De storing laat zien hoe afhankelijk universiteiten zijn geworden van datacenters, en hoe kwetsbaar die afhankelijkheid kan zijn wanneer één schakel wegvalt.

De problemen begonnen in de ochtend van 7 mei, toen in een datacenter van NorthC Datacenters in Almere brand uitbrak. Volgens het bedrijf ontstond de brand in een technische ruimte van het gebouw. Hoewel de brand snel onder controle was, had het incident grote gevolgen voor organisaties die gebruikmaken van servers in het datacenter. Ook de Universiteit Utrecht werd geraakt. Diezelfde avond besloot de universiteit daarom gebouwen te sluiten en onderwijsactiviteiten stil te leggen voor de dagen erna. In een liveblog meldde de universiteit dat verschillende digitale systemen niet of slechts beperkt functioneerden.

Een brand met gevolgen tot in Utrecht

Voor veel studenten betekende de online problemen vooral onzekerheid. Roostersystemen, online leeromgevingen en digitale toets voorzieningen vielen gedeeltelijk weg. Sociologiestudent Dirk Bruinzeel merkte de gevolgen vooral in zijn omgeving. Zelf had hij weinig last van de storing, al veranderde zijn planning wel plotseling. “Mijn werkgroep van negen uur ging niet door, dus donderdag kon ik uiteindelijk uitgaan,” vertelt hij lachend. Tegelijkertijd zag hij dat medestudenten juist flink baalden van de situatie. “Vrienden van mij hadden geleerd voor een herkansing die ineens werd afgelast. Dan heb je alles voorbereid en weet je nog niet wanneer die toets opnieuw wordt ingepland.”

Bruinzeel zegt dat hij zich aanvankelijk weinig zorgen maakte. “Ik dacht vooral: jammer, de universiteit is dicht.” Pas later realiseerde hij zich hoe afhankelijk de universiteit eigenlijk is van digitale systemen. “Nu je erover nadenkt, besef je wel dat er misschien gegevens verloren kunnen gaan of dat systemen kwetsbaar zijn. Je hoort de laatste tijd ook veel over hacks en datalekken.”

Waarom één brand zo’n groot probleem kan worden

Dat een brand in één datacenter zoveel impact heeft, lijkt opmerkelijk. Moderne datacenters zijn juist ontworpen om storingen en calamiteiten op te vangen. Robert Philippi, die jarenlang betrokken is bij het ontwerpen en realiseren van datacenters, noemt de kans op een grote brand relatief klein. “Datacenters hebben uitgebreide beveiligingsmaatregelen,” zegt hij. “Vaak zijn er automatische blussystemen met gas of watermist en zijn belangrijke installaties dubbel uitgevoerd.” Volgens Philippi is continuïteit het belangrijkste uitgangspunt bij de bouw van een datacenter. Servers beschikken meestal over meerdere stroomvoorzieningen en noodsystemen zodat processen kunnen blijven draaien als een onderdeel uitvalt.

Hoe het in Almere toch mis kon gaan, is volgens Philippi zonder technisch onderzoek lastig te zeggen. Wel denkt hij dat er waarschijnlijk meerdere problemen tegelijk zijn ontstaan. “Je moet het vergelijken met een vliegtuig,” zegt hij. “De kans dat het misgaat is heel klein, maar als het gebeurt zijn de gevolgen groot. Bij zo’n incident is er meestal niet één oorzaak, maar een opeenvolging van gebeurtenissen die samen verkeerd uitpakken.”

Volgens Philippi zou één storing normaal gesproken niet voldoende moeten zijn om complete systemen plat te leggen. Datacenters werken namelijk met “redundante” systemen, dat zijn extra voorzieningen die automatisch taken overnemen als iets uitvalt. Mogelijk was er sprake van onderhoud, een defect in een back-upsysteem of een zogenoemd ‘single point of failure’, waarbij toch te veel afhankelijk blijkt van één cruciaal onderdeel.

Kwetsbaarheid van digitale afhankelijkheid

Het incident laat volgens Philippi vooral zien hoe afhankelijk organisaties zijn geworden van centrale digitale infrastructuur. Veel universiteiten, bedrijven en overheidsinstanties besteden hun servers uit aan gespecialiseerde datacenters. Dat is efficiënter en goedkoper dan het beheren van eigen serverruimtes.

“Datacenters zijn eigenlijk heel efficiënte systemen,” zegt Philippi. “Als iedere organisatie alles zelf zou moeten regelen, zou dat veel meer energie en middelen kosten.” Tegelijkertijd ontstaat daardoor wel een nieuwe kwetsbaarheid. Wanneer veel organisaties hun systemen op één locatie onderbrengen, kan één incident direct gevolgen hebben voor duizenden gebruikers. Volgens Philippi is het daarom belangrijk dat organisaties hun systemen verspreiden over meerdere locaties. “Als je op één been staat en dat been valt weg, dan ga je onderuit,” zegt hij. “Daarom werken veel organisaties met back-uplocaties op andere plekken.”

Ook Bruinzeel denkt dat universiteiten lessen moeten trekken uit de storing. “Nu zie je wel dat zo’n datacenter een zwakke plek kan zijn,” zegt hij. “Misschien moeten systemen meer verspreid worden over verschillende locaties, zodat niet meteen alles uitvalt.”

Op dinsdag 19 mei, twaalf dagen na de brand, gaf de universiteit aan dat alle systemen weer naar behoren werkten. De precieze oorzaak van de grote uitval is nog niet bekend. Wel heeft het incident zichtbaar gemaakt hoe groot de gevolgen kunnen zijn wanneer digitale infrastructuur plotseling wegvalt. De Raad van Bestuur van de universiteit geeft aan de situatie grondig te evalueren na het pinksterweekend.

Over de auteur

Mads van Hinsbergen

Mads van Hinsbergen (2008) is student aan de Hogeschool voor Journalistiek in Utrecht. Zijn interesses liggen vooral bij sport, maar ook politiek, lokale actualiteiten en dergelijken trekken zijn aandacht. Hij is te bereiken via madsnicolaas@gmail.com.